“There is no rest for me in this world, perhaps in the next”- T. Shelby

“Als je niet meer kan, zit je nog maar op 40%”. Ik heb geen idee op hoeveel procent ik inmiddels zit. Het is 8.30uur ’s ochtends. Ik pak de brandblusser voor de laatste keer op, probeer hem op mijn schouder te leggen. Ik wankel, waar ik eerder tegen de kinderen zei dat hij amper wat weegt, weet ik nu niet meer hoe ik hem moet dragen. Ik strompel omhoog, Peter gaat achter me lopen, bang dat ik achterover val of de brandblusser laat vallen. Mijn schenen doen zeer, mijn handen en voeten zijn opgezwollen. Ik voel de blaren op mijn hakken. Alle kracht is weg. Maar wat voel ik me blij! Ik moet nog 1 keer de kleine steile heuvel op. Mijn kinderen willen me wel duwen. Ik verman me, stap in 1 ruk door naar boven. Daar hoor ik mijn naam. Ik zwaai, doe nog 1x push-ups, de laatste hindernissen. Klets met de fotograaf en noem de vrouw die ik steeds de tijd vroeg, dat ik het nu niet meer hoef te weten. Ik loop samen met mijn kinderen de tent door. Daar krijg ik van Gert de medaille om gehangen. Die wilde ik verdienen. En dat is me gelukt! Na 23,5uur en 91km, hangt daar die mega grote, gave medaille om mijn nek. Peter maakt foto’s en geeft me een knuffel. Niels en de andere mensen van de organisatie staan daar. En ook Yannick, hij is iets eerder gefinisht en heeft met 105km zijn doel gehaald. We geven elkaar een knuffel en delen in onze blijdschap. 1,5 Jaar geleden liepen we de 56km samen. En sindsdien zijn we contact blijven houden. We volgen elkaars trainingen, motiveren elkaar en kunnen bij elkaar terecht voor vragen. Zo fijn om hier nu, op dit moment samen te staan! Ik denk niet dat ik ooit eerder zo diep ben gegaan. Wat voel ik me gelukkig!

Pas ’s ochtends ging de knop echt om en kwam de overtuiging dat ik het ging doen. Ik sprak met iemand van de organisatie die noemde dat hij een paar uurtjes in de week traint en dat hij daar wel een iron en ultra viking mee liep. Op alle omstandigheden heb ik geen invloed, het ijzertekort, te weinig duur trainen, snel buiten adem zijn, de vermoeidheid, mijn rug die steeds zeer doet. Hoe ik ermee omga, wel! Als ik in het startvak sta, vraagt Gert of ik er zin in heb. En voor het eerst kan ik oprecht ja zeggen.

We tellen af en zijn weg voor de eerste ronde van 28km. Al vrij snel kom ik Jan en Berry tegen. Twee Friezen, en dat is natuurlijk altijd goed šŸ˜‰ Ik ken hun van vorig jaar en Berry kwam ik meerdere keren bij een survivalrun tegen. Het is gezellig. Hun doel is uitlopen, ze pakken een rustig tempo en wandelen regelmatig. Dat komt mij prima uit. Ik wil ook rustig beginnen. Het is warm, dus geen grenzen voorbij nu. Ze geven me veel tips over de technische hindernissen, waardoor 1 hindernis die eerst niet lukt, bij een nieuwe poging wel lukt. Dat geeft een goed gevoel. Bij veel armhindernissen moet ik push-ups doen. Mijn lichaam is niet in staat waar het vorig jaar toe in staat was. Snel krijg ik een blokkade in mijn hoofd en durf ik het niet goed. Voor nu heb ik daar vrede mee. De eerste ronde gaat iets langzamer dan ik graag zou willen. Voor 56km was er eigenlijk een limiet van 12 uur. Die hebben ze er, met het oog op de warmte, af gehaald. Maar toch wil ik die wel graag halen. Ik hou een korte stop en besluit dan, iets eerder dan de twee mannen, weer door te gaan.

Al bij de eerste hindernissen kom ik Tom tegen. Hij doet de 56km. De eerste ronde heeft hij kramp gehad, dus nu past hij zijn tempo wat aan. Het is meteen gezellig. We kunnen veel op een rustig tempo hardlopen en wandelen zo nu en dan een stukje. Zijn tempo ligt wat hoger dan dat van mij, maar hij vindt het samenlopen fijner. De laatste kilometers worden we stiller, maar ook dat maakt niet uit. Hij heeft nog nooit zo ver gelopen, zo knap! Als we de 56km hebben volbracht, feliciteer ik hem. We geven elkaar een dikke knuffel. Ik vraag hem op hij vannacht nog even aan me wil denken, als ik zwoeg, wil ik er nog aan toevoegen. Maar alle mannen om ons heen lachen en noemen dat het voor 1 keer mag.

Ik eet wat, vul mijn zakken en krijg het eerste bandje van Ronald. Hij is blij voor mij, dat ik verder kom dan ik gedacht had en weet ook steeds wat bemoedigends te zeggen. Na 11uur en 50minuten start ik aan mijn eerste ronde van 7km. Ik moet er minimaal 3 en ik moet in ieder geval doorlopen tot 7uur ’s ochtends. Zitten en rusten, durf ik niet. Mijn rug is rustig en vindt het blijven bewegen fijn. Ik reken, mijn kinderen starten om 22.00uur met nightrun, 1 ronde van 7km. Ik kom al vrij snel tot de conclusie dat ik hun tijdens het rennen niet ga treffen. Het lukt me ook niet om sneller te gaan.

Als ik na de eerste ronde binnenkom, geeft Peter aan dat ze al 45min lopen. Midas loopt nog een stukje met me mee. Ik heb m’n hoofdlampje nu mee, deze gebruik ik meteen maar bij de donkere tunnels en later ook bij stukken onder de snelweg door. Die zijn trouwens verschrikkelijk! Dikke modder, hoop dat het geen riool is, het stinkt enorm. Je moet voorovergebogen lopen en bij de tweede moet je wel zijwaarts gaan en leunen op de kant, met je handen in die vieze, bruine modder. En iedere ronde twee keer onder de snelweg door dus.. Na de tweede passage is het donker en laat ik mijn lampje aan. Van de 18 meter hoge glijbaan gaan in het donker is ook wel een andere gewaarwording trouwens. Net als het zwemmen en klimmen over de obstakels, het heeft iets magisch. Overal hoor ik de kikkers, prachtig! Als ik binnenkom, is Peter nog wakker. Het is 2uur, fijn om hem nog even te spreken.

Ik tref ook Yannick, hij wil er snel vandoor, hij wil de 100km halen. Als ik een klein stukje onderweg ben, roept hij: “stukje samen lopen”. Ik geef hem aan dat ik niet zo snel ben. Toch blijft hij even bij me. We lopen samen door het donkere bos. Ik stuur hem later weg, wandel een stukje en tref hem even later weer: “wil je niet zeggen dat je zo langzaam bent”, zegt hij. Ik lach. We lopen nog een stukje samen en dan gaat hij toch echt verder. Ik ben dan behoorlijk buiten adem en doe een stapje terug. Hij noemde nog dat dit de laatste hele ronde in het donker was, dat geeft hoop. Na deze ronde zit ik op 77km, het verplichte minimum voor de 24uurs. Ik kan ook in het gras gaan zitten, wachten tot 7uur en dan finishen, finishen moet ergens tussen 7 en 9uur. Als ik reken, weet ik dat er nog een en als ik doorloop twee rondes bij komen. Ik probeer steeds korte stukjes te rennen en me te pushen tot de tweede optie. Vlak voor de tent krijg ik de brandblusser overhandigd van een man, hij kijkt naar me en noemt m’n naam. “Weet je het nog”, vraagt hij. Ik weet het nog, vorig jaar liep ik een ronde met hem samen. Hij noemde dat je altijd door kan lopen, gewoon gaan. En daar refereert hij nu weer naar. Ik neem de brandblusser van hem over, we lachen naar elkaar.

Als ik de tent binnenkom, ben ik alleen, iedereen slaapt. Ik overleg met Ronald wat verstandig is. Mijn horloge is uitgevallen, dus ik heb onderweg geen idee van de tijd. Als je voor 7uur de tent binnenkomt, moet je nog een ronde starten. Het is nu 3.50uur. Ik zou rond 6uur binnen kunnen zijn en dan 3uur hebben voor de laatste ronde. Hij noemt dat als het iets voor zevenen is, hij heel hard nee gaat roepen als hij me op het terrein ziet. Dan weet ik dat ik even moet wachten. Ik besluit er voor te gaan.

Als ik in het bos ben hoor ik mensen achter me, ook een vrouwenstem. “Femke”, vraag ik? Ze beaamt dat. We hebben elkaar afgelopen week via instagram leren kennen en elkaar gisteren echt ontmoet. Wat een beest is zij! Ze is op weg naar de winst, ik hoor ze strategieĆ«n bedenken. Er zit een Duitse vlak achter haar, zegt ze. We kletsen wat, ik ben overtuigd dat ze het gaat redden.

Ik voel inmiddels mijn scheenbenen, rennen lukt amper nog. Zelfs wandelend strompel ik. Als ik het terrein weer nader, zit daar een vrouw, ik vraag haar de tijd, als ik haar een kwartier later weer tref, vraag ik het opnieuw. Ik twijfel nog even.. Het is nog voor zessen, zelfs strompelend moet de 7km in 3uur toch lukken? Dan zit ik maar 1 ronde onder mijn resultaat van vorig jaar. Dat had ik nooit gedacht! Ik tref Gert nog even, hij was wakker geworden en vertel hem mijn plan. Ik app Peter dat ik de laatste ronde inga.

Dat is afscheid nemen van alles wat al die uren zo vertrouwd voelde. Van het op mezelf aangewezen zijn, het vechten tegen mezelf. Al heb ik dat niet eens echt zo ervaren. Ik heb vooral genoten! Zo ontzettend blij dat dit nu lukte!

En dan ben ik weer bij alinea 1. Wat was het een feestje! Ik kwam voor 28km en wist de 24uurs te halen, met zelfs twee rondes meer dan moest. Berry had me vooraf genoemd: “we doen dit met elkaar!” En wat heb ik dat ervaren!!! Ik bedank Niels, Marco, Ronald en zijn vrouw. Ik klets met Yannick en Dana en neem dan afscheid van hun.

Bij de vouwwagen komt Femke naar me toe. We geven elkaar een dikke knuffel en feliciteren elkaar. Zij is eerste geworden, zo knap! We kletsen nog een tijd, wat een leuke, lieve meid. Ze staat nog maar aan het begin van alles, zo veel plannen.

Vandaag blijf ik terug dromen aan alles van die dag. Alle mensen die ik tegenkwam, alle support, alle situaties en alle gevoelens. Een prachtige herinnering! Iedereen zegt: “tot volgend jaar!” En waar ik er zelf niet zo zeker van was, ben ik dat nu wel. Dit is zo mooi!!

Ontzettend lief dat Gert er was, zelf heeft hij geknald bij de 28km. En daarna met Felix en Vera de nightrun gedaan. Mijn kinderen bleven me aanmoedigen en zeggen hoe trots ze zijn. En Peter was er steeds! Zo ontzettend lief en helpend. Het betekent enorm veel voor me!

Nu heb ik vakantie! Ik ga herstellen, dat heb ik de trainers beloofd, maar ook mezelf. Mijn lijf weer in balans krijgen. En plannen maken. Er is zoveel moois. En wat zou ik volgend jaar toch graag wil kijken waar ik echt toe in staat ben…

Lieve groet, Cobie

EĆ©n gedachte over ““There is no rest for me in this world, perhaps in the next”- T. Shelby”

  1. Wederom weer een super mooi stuk geschreven. Onwijs goed gedaan en leuk om toch nog die paar km’s samen te hebben gelopen. Je bent niet zo langzaam als dat je soms denkt en vergeet niet dat je meer kan dan je denkt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *