Rust

En toen kwam het moeilijkste… Rust. Wat was ik blij na de Ultimate Warrior. Ik leefde op een grote roze wolk en in gedachten ging ik alleen maar terug naar die 24 uur. Ik wilde nergens anders over praten, aan denken. De spierpijn, mijn zere schenen, opgezette voeten en enkels, gehavende handen en voeten, wat was ik daar stiekem blij mee. Het nam me mee terug naar die dag en nacht, naar het gevoel dat het gelukt was! Mensen vragen me hoe het was, of ik ze mee wil nemen in mijn gedachten en gevoel daar. Vaak lukt het me niet om het onder woorden te brengen. Als ik de foto’s zie van mezelf bij de finish, dan komt het gevoel van dat moment weer terug. Een intense rust, een berusting in alles wat je voelt, wat er is of wat er verwacht wordt. Tevredenheid, dankbaarheid. En rauw, echt, puur, dat is het ook. Alle ego is weg, alle luxe. Ik denk dat ik daar op dat moment mezelf ben in meest pure vorm. Emoties zitten hoog, mogen er zijn. Alles is goed. En dat gevoel, dat moment, dat is zo fijn. En daar probeer ik de dagen na de Ultimate Warrior steeds naar toe terug te gaan. Natuurlijk gaat het leven door en wordt ook van mij verwacht dat ik van die roze wolk afstap. Maar ja dan…

Ik heb vakantie en ik heb mezelf rust beloofd. Bij de Ultimate Warrior hoorde ik van verschillende mensen dat er 2 maanden voor staat om volledig te herstellen na zo’n grote inspanning. Het dringt op dat moment niet tot me door, maar komt later des te harder binnen. De eerste dagen voel ik mijn schenen en lukt het me om rustig aan te doen. Maar als die gevoeligheid na een week echt weg is en we ook nog op een camping staan waar een fitnessruimte is, ben ik al snel weer met gewichten en een roeiapparaat in de weer. Op de volgende camping gaat dat door. Ik zoek oude workouts op en voel me de koning te rijk als er eentje echt goed gaat. Mijn VO2max gaat met 2 punten omhoog, wat voor mij een teken is om vooral zo door te gaan. Natuurlijk komt de dag daarna de realiteit weer om de hoek kijken, ik moet de workout afschalen en mijn VO2max daalt net zo hard als dat hij steeg. Ik sport wat rustiger, loop een ontspannen rondje en drink onderweg een cappuccino. Al een paar jaar gebruik ik geen cafeïne meer. Ik had afgesproken om voeding deze vakantie los te laten. En met die cappuccino probeer ik bij mezelf even de knop om te zetten op alle fronten. Hetzelfde geldt voor de cocktail die ik ’s avonds drink.

Ik merk dat er langzaamaan wat verandert. Tegen de tijd dat we op de laatste camping in Zwitserland zijn en ik de rust werkelijk overal voel, kan ik me er aan overgeven. Ik doe 8 dagen lang helemaal niets. Ik slaap lang en word op de tweede ongesteld, veel langer en heftiger dan ik me de laatste jaren kan herinneren. Zowel fysiek als mentaal geeft mijn lijf aan dat het even helemaal goed is. Ik luister podcasts en lees artikelen en stuit daar op de emotionele achtbaan van hoogte en diepte punten die weken tot maanden na een lange race kan duren. En dat is precies hoe ik me voel. Een zwart gat heb ik nooit gekend, omdat ik altijd al iets nieuws had gepland, voordat mijn doel voorbij was. En nu, nu was het tijd voor rust en tijd om de balans op te maken. En zat er niets anders op dan me er aan over te geven.

Ik gebruikte de vakantie en de rust om na te denken over wat ik echt wil. En zo ontstond beetje bij beetje een nieuw plan, nieuwe doelen. De Ultimate Warrior heeft een speciaal plekje bij mij. Volgend jaar wil ik daar erg graag weer aan de start staan. Aan de andere kant merk ik ook dat mijn lijf even behoefte heeft aan een soort balans. Even niet dat extreem lange. Dat maakte dat ik besloot om me eerst op Hyrox te gaan richten. Echt knallen bij de Hyrox Gent in december en de fitrace, Hyrox Maastricht en de Hyrox pro in Utrecht als opstapje gebruiken om daar te komen. Even terug naar de basis met alles en van daaruit steeds verder vooruit. Zodat ik me in het nieuwe jaar weer op lange duur kan focussen.

Deze plannen deelde ik ook met de trainer, wat hij voor mij vertaalde in een mooi, nieuw en vooral ook uitdagend trainingsplan. Ik denk dat ik mijn gedachten van terug naar de basis niet eens hoefde te verwoorden. Het sluit precies aan bij waar ik nu sta, en hoezeer ik het ook vervloek, het is precies wat ik nodig heb om vooruitgang te gaan boeken. Nu voor de Hyrox, en op lange termijn voor langere races.

Terug naar de basis, focus op kwaliteit, uitvoering. Maar ook op tempo, snelheid en explosiviteit. De eerste week zit erop. Mijn lijf moest weer even wakker geschud worden, maar reageert er verassend goed op. Daarnaast heb ik de voedingsapp er weer serieus bij gepakt. 2500 Calorieën per dag, veel eiwitten en dan hopen dat het afvallen weer lukt en ik mijn spieren zo veel mogelijk kan behouden. En ik spreek af om slaap en herstel ook prioriteit te geven. Hopen dat ik de balans zo kan bewaren en kan doen wat ik graag wil.

Voor nu blijft de achtbaan nog even doorgaan. Blij dat ik weer kan trainen, dat ik doelen heb. Toch is mijn gevoel nog regelmatig ver verwijderd van het gevoel wat die finishfoto opriep. Dat serene gevoel ervaar ik niet als er een trainer naast me staat te schreeuwen dat het sneller moet of ik de voorgeschreven herhalingen of gewichten bij lange na niet haal. Als mijn hoofd zegt dat ik honger heb en dat een stukje chocolade wel heel verleidelijk is. Leren de innerlijke demonen beter te bevechten, dat is de opdracht die ik krijg. En dat ga ik doen, daar focus ik me op. En dan ga ik knallen bij de Hyrox in Gent en haal ik volgend jaar dat zwarte bandje bij Ultimate Warrior.

Lieve groet, Cobie

“There is no rest for me in this world, perhaps in the next”- T. Shelby

“Als je niet meer kan, zit je nog maar op 40%”. Ik heb geen idee op hoeveel procent ik inmiddels zit. Het is 8.30uur ’s ochtends. Ik pak de brandblusser voor de laatste keer op, probeer hem op mijn schouder te leggen. Ik wankel, waar ik eerder tegen de kinderen zei dat hij amper wat weegt, weet ik nu niet meer hoe ik hem moet dragen. Ik strompel omhoog, Peter gaat achter me lopen, bang dat ik achterover val of de brandblusser laat vallen. Mijn schenen doen zeer, mijn handen en voeten zijn opgezwollen. Ik voel de blaren op mijn hakken. Alle kracht is weg. Maar wat voel ik me blij! Ik moet nog 1 keer de kleine steile heuvel op. Mijn kinderen willen me wel duwen. Ik verman me, stap in 1 ruk door naar boven. Daar hoor ik mijn naam. Ik zwaai, doe nog 1x push-ups, de laatste hindernissen. Klets met de fotograaf en noem de vrouw die ik steeds de tijd vroeg, dat ik het nu niet meer hoef te weten. Ik loop samen met mijn kinderen de tent door. Daar krijg ik van Gert de medaille om gehangen. Die wilde ik verdienen. En dat is me gelukt! Na 23,5uur en 91km, hangt daar die mega grote, gave medaille om mijn nek. Peter maakt foto’s en geeft me een knuffel. Niels en de andere mensen van de organisatie staan daar. En ook Yannick, hij is iets eerder gefinisht en heeft met 105km zijn doel gehaald. We geven elkaar een knuffel en delen in onze blijdschap. 1,5 Jaar geleden liepen we de 56km samen. En sindsdien zijn we contact blijven houden. We volgen elkaars trainingen, motiveren elkaar en kunnen bij elkaar terecht voor vragen. Zo fijn om hier nu, op dit moment samen te staan! Ik denk niet dat ik ooit eerder zo diep ben gegaan. Wat voel ik me gelukkig!

Pas ’s ochtends ging de knop echt om en kwam de overtuiging dat ik het ging doen. Ik sprak met iemand van de organisatie die noemde dat hij een paar uurtjes in de week traint en dat hij daar wel een iron en ultra viking mee liep. Op alle omstandigheden heb ik geen invloed, het ijzertekort, te weinig duur trainen, snel buiten adem zijn, de vermoeidheid, mijn rug die steeds zeer doet. Hoe ik ermee omga, wel! Als ik in het startvak sta, vraagt Gert of ik er zin in heb. En voor het eerst kan ik oprecht ja zeggen.

We tellen af en zijn weg voor de eerste ronde van 28km. Al vrij snel kom ik Jan en Berry tegen. Twee Friezen, en dat is natuurlijk altijd goed 😉 Ik ken hun van vorig jaar en Berry kwam ik meerdere keren bij een survivalrun tegen. Het is gezellig. Hun doel is uitlopen, ze pakken een rustig tempo en wandelen regelmatig. Dat komt mij prima uit. Ik wil ook rustig beginnen. Het is warm, dus geen grenzen voorbij nu. Ze geven me veel tips over de technische hindernissen, waardoor 1 hindernis die eerst niet lukt, bij een nieuwe poging wel lukt. Dat geeft een goed gevoel. Bij veel armhindernissen moet ik push-ups doen. Mijn lichaam is niet in staat waar het vorig jaar toe in staat was. Snel krijg ik een blokkade in mijn hoofd en durf ik het niet goed. Voor nu heb ik daar vrede mee. De eerste ronde gaat iets langzamer dan ik graag zou willen. Voor 56km was er eigenlijk een limiet van 12 uur. Die hebben ze er, met het oog op de warmte, af gehaald. Maar toch wil ik die wel graag halen. Ik hou een korte stop en besluit dan, iets eerder dan de twee mannen, weer door te gaan.

Al bij de eerste hindernissen kom ik Tom tegen. Hij doet de 56km. De eerste ronde heeft hij kramp gehad, dus nu past hij zijn tempo wat aan. Het is meteen gezellig. We kunnen veel op een rustig tempo hardlopen en wandelen zo nu en dan een stukje. Zijn tempo ligt wat hoger dan dat van mij, maar hij vindt het samenlopen fijner. De laatste kilometers worden we stiller, maar ook dat maakt niet uit. Hij heeft nog nooit zo ver gelopen, zo knap! Als we de 56km hebben volbracht, feliciteer ik hem. We geven elkaar een dikke knuffel. Ik vraag hem op hij vannacht nog even aan me wil denken, als ik zwoeg, wil ik er nog aan toevoegen. Maar alle mannen om ons heen lachen en noemen dat het voor 1 keer mag.

Ik eet wat, vul mijn zakken en krijg het eerste bandje van Ronald. Hij is blij voor mij, dat ik verder kom dan ik gedacht had en weet ook steeds wat bemoedigends te zeggen. Na 11uur en 50minuten start ik aan mijn eerste ronde van 7km. Ik moet er minimaal 3 en ik moet in ieder geval doorlopen tot 7uur ’s ochtends. Zitten en rusten, durf ik niet. Mijn rug is rustig en vindt het blijven bewegen fijn. Ik reken, mijn kinderen starten om 22.00uur met nightrun, 1 ronde van 7km. Ik kom al vrij snel tot de conclusie dat ik hun tijdens het rennen niet ga treffen. Het lukt me ook niet om sneller te gaan.

Als ik na de eerste ronde binnenkom, geeft Peter aan dat ze al 45min lopen. Midas loopt nog een stukje met me mee. Ik heb m’n hoofdlampje nu mee, deze gebruik ik meteen maar bij de donkere tunnels en later ook bij stukken onder de snelweg door. Die zijn trouwens verschrikkelijk! Dikke modder, hoop dat het geen riool is, het stinkt enorm. Je moet voorovergebogen lopen en bij de tweede moet je wel zijwaarts gaan en leunen op de kant, met je handen in die vieze, bruine modder. En iedere ronde twee keer onder de snelweg door dus.. Na de tweede passage is het donker en laat ik mijn lampje aan. Van de 18 meter hoge glijbaan gaan in het donker is ook wel een andere gewaarwording trouwens. Net als het zwemmen en klimmen over de obstakels, het heeft iets magisch. Overal hoor ik de kikkers, prachtig! Als ik binnenkom, is Peter nog wakker. Het is 2uur, fijn om hem nog even te spreken.

Ik tref ook Yannick, hij wil er snel vandoor, hij wil de 100km halen. Als ik een klein stukje onderweg ben, roept hij: “stukje samen lopen”. Ik geef hem aan dat ik niet zo snel ben. Toch blijft hij even bij me. We lopen samen door het donkere bos. Ik stuur hem later weg, wandel een stukje en tref hem even later weer: “wil je niet zeggen dat je zo langzaam bent”, zegt hij. Ik lach. We lopen nog een stukje samen en dan gaat hij toch echt verder. Ik ben dan behoorlijk buiten adem en doe een stapje terug. Hij noemde nog dat dit de laatste hele ronde in het donker was, dat geeft hoop. Na deze ronde zit ik op 77km, het verplichte minimum voor de 24uurs. Ik kan ook in het gras gaan zitten, wachten tot 7uur en dan finishen, finishen moet ergens tussen 7 en 9uur. Als ik reken, weet ik dat er nog een en als ik doorloop twee rondes bij komen. Ik probeer steeds korte stukjes te rennen en me te pushen tot de tweede optie. Vlak voor de tent krijg ik de brandblusser overhandigd van een man, hij kijkt naar me en noemt m’n naam. “Weet je het nog”, vraagt hij. Ik weet het nog, vorig jaar liep ik een ronde met hem samen. Hij noemde dat je altijd door kan lopen, gewoon gaan. En daar refereert hij nu weer naar. Ik neem de brandblusser van hem over, we lachen naar elkaar.

Als ik de tent binnenkom, ben ik alleen, iedereen slaapt. Ik overleg met Ronald wat verstandig is. Mijn horloge is uitgevallen, dus ik heb onderweg geen idee van de tijd. Als je voor 7uur de tent binnenkomt, moet je nog een ronde starten. Het is nu 3.50uur. Ik zou rond 6uur binnen kunnen zijn en dan 3uur hebben voor de laatste ronde. Hij noemt dat als het iets voor zevenen is, hij heel hard nee gaat roepen als hij me op het terrein ziet. Dan weet ik dat ik even moet wachten. Ik besluit er voor te gaan.

Als ik in het bos ben hoor ik mensen achter me, ook een vrouwenstem. “Femke”, vraag ik? Ze beaamt dat. We hebben elkaar afgelopen week via instagram leren kennen en elkaar gisteren echt ontmoet. Wat een beest is zij! Ze is op weg naar de winst, ik hoor ze strategieën bedenken. Er zit een Duitse vlak achter haar, zegt ze. We kletsen wat, ik ben overtuigd dat ze het gaat redden.

Ik voel inmiddels mijn scheenbenen, rennen lukt amper nog. Zelfs wandelend strompel ik. Als ik het terrein weer nader, zit daar een vrouw, ik vraag haar de tijd, als ik haar een kwartier later weer tref, vraag ik het opnieuw. Ik twijfel nog even.. Het is nog voor zessen, zelfs strompelend moet de 7km in 3uur toch lukken? Dan zit ik maar 1 ronde onder mijn resultaat van vorig jaar. Dat had ik nooit gedacht! Ik tref Gert nog even, hij was wakker geworden en vertel hem mijn plan. Ik app Peter dat ik de laatste ronde inga.

Dat is afscheid nemen van alles wat al die uren zo vertrouwd voelde. Van het op mezelf aangewezen zijn, het vechten tegen mezelf. Al heb ik dat niet eens echt zo ervaren. Ik heb vooral genoten! Zo ontzettend blij dat dit nu lukte!

En dan ben ik weer bij alinea 1. Wat was het een feestje! Ik kwam voor 28km en wist de 24uurs te halen, met zelfs twee rondes meer dan moest. Berry had me vooraf genoemd: “we doen dit met elkaar!” En wat heb ik dat ervaren!!! Ik bedank Niels, Marco, Ronald en zijn vrouw. Ik klets met Yannick en Dana en neem dan afscheid van hun.

Bij de vouwwagen komt Femke naar me toe. We geven elkaar een dikke knuffel en feliciteren elkaar. Zij is eerste geworden, zo knap! We kletsen nog een tijd, wat een leuke, lieve meid. Ze staat nog maar aan het begin van alles, zo veel plannen.

Vandaag blijf ik terug dromen aan alles van die dag. Alle mensen die ik tegenkwam, alle support, alle situaties en alle gevoelens. Een prachtige herinnering! Iedereen zegt: “tot volgend jaar!” En waar ik er zelf niet zo zeker van was, ben ik dat nu wel. Dit is zo mooi!!

Ontzettend lief dat Gert er was, zelf heeft hij geknald bij de 28km. En daarna met Felix en Vera de nightrun gedaan. Mijn kinderen bleven me aanmoedigen en zeggen hoe trots ze zijn. En Peter was er steeds! Zo ontzettend lief en helpend. Het betekent enorm veel voor me!

Nu heb ik vakantie! Ik ga herstellen, dat heb ik de trainers beloofd, maar ook mezelf. Mijn lijf weer in balans krijgen. En plannen maken. Er is zoveel moois. En wat zou ik volgend jaar toch graag wil kijken waar ik echt toe in staat ben…

Lieve groet, Cobie

Een magisch pilletje

Waar vorig jaar alles bijna vanzelf leek te gaan, blijft het dit jaar zoeken. Hoe hard ik ook mijn best doe, de gewenste vooruitgang blijft uit. Tijden lang heb ik het ontkent of me er bij neergelegd. Mijn reactie was dat ik gewoon wat harder mijn best moest gaan doen. En dus deed ik dat. Of dat probeerde ik tenminste. Ik voelde me vaak moe, ik bleef wat langer in bed liggen. Of ik accepteerde het maar dat ik op de bank of in bad in slaap viel.

De trainer die me met alles helpt, merkte het ook op en bleef me er mee confronteren. Ik had m’n weerwoord wel klaar en baalde vooral van zijn negatieve woorden. Voor alles had ik wel een verklaring. Hij stuurde aan op bloed laten prikken en toen daar een laag HB en een laag ijzergehalte uit naar voren kwam, was het voor mij duidelijk. Alles waar ik tegenaan liep, kon ik hiermee verklaren.

Ik baalde in eerste instantie, dit zou lang gaan duren. Aan de andere kant gaf het wel hoop dat ik weer zou kunnen presteren zoals eerder. Of beter. Ik weet niet wat mijn normale waardes zijn en hoe lang het al laag is. Dus wellicht voel ik me al veel beter als het iets stijgt. Ik ging mezelf weer motiveren, moed in spreken op deze manier. En dat werkte of werkt.

Het lopen lukt weer zonder doorlopend buiten adem te zijn en ook mijn tijden worden weer beter. Ik word ’s ochtends weer vroeg wakker uit mezelf en heb weer zin om te trainen. Ik val minder snel zomaar in slaap. En ik kan weer beter meekomen met de groepstrainingen. De laatste hyrox was 6 minuten sneller dan die ervoor.

Maar er is ook de andere kant. Ik heb regelmatig last van mijn rug. Het was er altijd wel iets na trainingen, maar nu ook soms zo ineens. Ik heb steeds harde stukken in mijn benen (spieren) en wat ik ook probeer, ik krijg het er zelf niet uit. De masseur deels. Het herstel na iedere training is wisselend en vooral erg onvoorspelbaar. Soms reageert mijn lichaam zoals het altijd deed, soms heb ik na een lichte training dagen spierpijn of erg vermoeide spieren. Ik ben iets aangekomen en krijg het er niet af. De balans zoals eerder, is er nog niet.

Ik worstel met alles. Ik heb zo veel leuks op de planning en ik wil zo graag. Als ik zie dat mijn HB na een maand 0,4 is gestegen en de ferritine ook met 9 omhoog is gegaan, is het voor mij de bevestiging dat ik prima zo door kan sporten. Ik ben blij met de ijzertabletten. Ik doe een adventure race van 8 uur, anderhalve week later de Mullerthaltrail. Dik twee weken daarna een 30km trail en nog 4 dagen later een hyrox. Tussendoor pak ik mijn trainingen zo veel mogelijk weer op, al gun ik mezelf iets meer rust.

Ik ben blij met de vooruitgang, al protesteert mijn lichaam ook. De laatste kilometers van de trail doet mijn rug zo zeer, dat baart me zorgen voor mijn verdere plannen. Het trekt weg, maar komt de woensdag, een dag voor de hyrox, weer terug. Met de hyrox geen last, maar mijn zorgen blijven.

En dan komen de lastige gesprekken, de bezorgdheid. Dat wat ik allemaal niet wil horen. Als ik de woensdag voor de hyrox met een zere rug naar de boks training kom, krijg ik de vraag of het wel verstandig is. Alles wordt benoemd en waar ik probeer geen antwoord te geven, wordt toch een reactie verwacht. Thuis krijg ik van mijn man hetzelfde te horen. Hij voegt er nog aan toe: “Jij denkt dat dat ijzertabletje een magische pil is en dat je ineens alles weer kan doen”. Het liefst wil ik keihard janken. Ja, ik denk inderdaad dat het een magische pil is. Voor mij is het een magische pil. Ik stuur de trainer nog een appje, om even alles van me af te zetten. En me op te laden voor de hyrox een dag later.

Ik besluit dat ik alles aan wil pakken en dat ik vooral verder wil. Ik informeer bij de andere trainer wat ik moet doen met m’n rug. Hij wil me daar wel bij helpen en ook samen kijken waar het vandaan komt. Al laat hij wel meerdere keren iets los over overbelasting. De dag daarna raak ik hierover met beide trainers in gesprek. En wederom is het confronterend. Minder trainen, niet meer twee uur achter elkaar, meer bedenken wat ik wil en daar gericht voor gaan trainen, stoppen met de boks training, want dat voegt niets toe. Ze denken beide aan overtraining. Het aankomen zou daar bij passen en mijn slaapbehoefte ook. Ook dat magische pilletje wordt door hun in dezelfde context gebruikt als mijn man dat deed. Wel met een soort placebo toevoeging erbij, als jij denkt dat het werkt.. Er wordt gevraagd naar de Ultimate Warrior, ik zeg niks. Maar als een van beide opzij kijkt naar mij, verraadt mijn gezicht dat ik er vol voor wil gaan en toch minimaal net zo ver wil komen als vorig jaar.

Als ik een dag later bij hem kom voor mijn rug, heb ik over alles nagedacht. Ik vraag hem wat hij concreet zou doen. Hij stuurt aan op 2 tot 3 keer in de week trainen en ook wel iets doen met lange duur. Ik noem hem dat dat voor mij geen optie is. Ik noem hem mijn plan, elke week een paar trainingen uitkiezen waar ik echt voor wil gaan en de andere trainingen met de rem erop doen. Meer luisteren naar mijn lichaam, als het niet goed voelt, een training skippen of daar herstel voor in de plaats doen. Daar lijkt hij zich wel in te kunnen vinden. Hij noemt verwachtingsmanagement. Ik zal mijn verwachtingen voor de Ultimate Warrior moeten bijstellen. En ergens weet ik dat ook wel. Hij kraakt mijn rug, waar ik nog een keer voor terug mag komen en ik krijg oefeningen mee voor heupmobiliteit.

Ik app met de andere trainer voor nieuwe trainingen en noem hem ook mijn plan. Ik krijg voor de komende maand nieuwe trainingen en merk dat ik, ondanks alles, vooral heel veel zin heb om weer verder te gaan.

De duurloop zondag valt tegen. Mijn maag en darmen zijn wat van slag van de ijzertabletten, ik besluit extra vezels te nemen. De duurloop wordt er een met wat wandelen tussendoor en minder lang dan gehoopt. Ik kan wel alle ochtenden een training doen. Ik merk dat de hyrox training echt lekker gaat. En met de interval loop ik iedere week iets sneller. Door mijn maag en darmen, verkrampt mijn buik regelmatig en ook voel ik mijn rug dan snel. Wat wat is, weet ik niet, ook hormonen spelen hierbij een rol.

En de antwoorden, die heb ik niet. Ik blijf zoeken. En luisteren naar de feedback die ik eigenlijk niet wil horen. Ik probeer alle trainingen zo veel mogelijk weer op te pakken, een paar keer in de week te pieken. En vooral te luisteren naar mijn lichaam. Ik maak nog even geen plannen voor na de Ultimate Warrior. Want ook dat voelt voor nu wel een zijden draadje. Nog een dikke maand, ik kijk vooral van dag tot dag. En blijf geloven in dat magische pilletje!

Lieve groet, Cobie

Lara Croft

Als ik met mijn dochter door een winkel loop, valt haar oog op een afbeelding van Tomb Raider, Lara Croft om precies te zijn. “Zo wil ik later ook zijn”, zegt ze meteen. En ik denk ook echt dat ze dat meent. Zelfverzekerd, sterk, gespierd. Er straalt een power van uit. Ik snap haar wel. Ik noem iets in de trant van dat ik ook wel zo wil zijn. En ook ik meen dat 😉 Mijn gedachten dwalen af, terug in de tijd naar de Ultimate Warrior. Daar voelde ik een power in mezelf. Ik stond er zelfverzekerd, ik voelde me fit, krachtig. Misschien wel een beetje zoals Lara Croft, op die afbeelding, daar in die winkel. En ik nam me voor om me dat nooit meer te laten ontglippen.

En toch.. Eerst was er verdriet. Een lichte blessure. Vakantie. Vermoeidheid. Ik trainde door, maar dat knallen van eerder, dat lukte niet. Ik had geen zin meer om te lopen. En als je niet (genoeg) gaat, dan gaan je prestaties vanzelf wel achteruit. Bepaalde onderdelen gingen nog best lekker. En dus zette ik daar meer op in.

Als ik harder zou gaan trainen, zou alles wel weer beter gaan. Ik moest gewoon een knop omzetten. Looptijden kwamen niet meer in de buurt van 1,5 jaar geleden. Ik had geen zin om te gaan lopen en als ik wel ging, dan was het zwaar. Mijn VO2max was in een jaar tijd gedaald van 53 naar 45. Met de burpees tijdens de laatste 3 hyroxwedstrijden voelde ik me zo beroerd, duizelig, zwarte vlekken, hoofdpijn. En moe, waar ik vorig jaar elke dag om 5.30uur opstond en aan 6 uurtjes slaap genoeg had. Moest ik mezelf nu na meer dan 7 uren en om 6.15uur het bed uit schoppen. Ik viel standaard na iedere training in bad in slaap en bleef er veel te lang in liggen, ik kon mezelf er niet uit krijgen. Veel en snel buiten adem, koude handen, chaotisch. Ik kan nog wel even door gaan.. Overal had ik wel een verklaring voor. Ik trainde veel, volgens de mensen om me heen, te veel. Dus dat was toch de verklaring voor alles. Eerder noemde ik al eens iets over keuzes maken. Over alles willen en dan soms in de prestaties iets in moeten leveren. Daar had ik vrede mee. En dus dacht ik niet door, wilde ik ook niet doordenken.

Tot een trainer me een keer met alles confronteerde. Ik snapte weinig van wat hij bedoelde, maar het bleef wel door mijn hoofd spoken. Hij noemde van alles op verschillende gebieden. En stuurde ook aan op bloed prikken. Wat hij en mensen in mijn omgeving al eens eerder hadden genoemd. Deze keer besloot ik toch te gaan. De huisarts vroeg nog waarom ik dat wilde of ik er een reden voor had. “Nee, ik sport nog al veel en alles gaat net niet zo lekker als vorig jaar.” Gelukkig was dat genoeg. Ik bekeek de uitslagen online. En daar waar ik mezelf nog graag als een soort popeye wilde zien, stond op het scherm toch echt het tegenovergestelde. Zowel ijzer als HB heel laag. Ik zocht op Google en concludeerde dat alles wat ik de afgelopen tijd voelde, hier bij kan horen. En ook las ik dat het lang duurt, voordat alles weer op het goede niveau is.

Ik baalde! Zo veel plannen.. en nu. Mijn huisarts was afwezig en dus bleef ik zitten met mijn vragen. Ik kocht ijzer bij de drogist en ijzerrijke voeding. Maar ja, mijn planning.. Ik deed met mijn kinderen mee aan een hyroxachtige wedstrijd, niet wetende of het verstandig zou zijn. Ik twijfelde aan mezelf, aan mijn lichaam. En wat voelde het fijn dat het gewoon lukte, dat mijn kinderen straalden en dat we dit met elkaar konden doen. Samen met mijn loopmaatje liep ik een 10km, in tig gedeeltes. Mijn benen voelde daarna of ik er 30 gelopen had. Ik sloeg de ochtendtrainingen grotendeels over deze week en pakte meer rust. Zaterdag was er de adventure run, waar mijn survivalmaatje en ik ons al tijden op hadden verheugd. 8 Uur lang, mountainbiken, hardlopen, kano varen, en steppen. Tussendoor opdrachten doen, navigeren en survival hindernissen. Dit wilde ik niet aan me voorbij laten gaan. We appten en spraken af om echt voor het plezier te gaan, dat stelde me gerust. Want om eerlijk te zijn vond ik 8 uur al spannend en nog twee keer 75 minuten autorijden erbij..

We konden zelf kiezen wat we gingen doen, waar we stukken skipten. We besloten vooral voor het mountainbiken te gaan. En dat ging ook goed. De stukken wind tegen vond ik zwaar en daar hapte ik naar adem. Mijn maatje ging voor me fietsen en hield me uit de wind. Het lopen was dramatisch, veel buiten adem. Dus werd het continu afwisselen tussen hardlopen en wandelen en beperkten we het lopen. Het werd nog 12,5km, waar ik dan wel weer blij mee was. Het steppen ging op zich best oké, al vond ik het verschrikkelijk om te doen. Dat werd een kilometer of 7. Voor het kanovaren hadden we niet veel tijd, het werd een kilometer, wat wel echt genieten was. Net als de special tasks en de survivalhindernissen. Het navigeren ging goed. En we hebben beide van begin tot einde genoten, niet 1 dipje gehad! Na 7 uur en 55 minuten passeerden we blij, voldaan de finishlijn. De lasagne stond klaar en we kletsten met andere deelnemers. Wat blij dat dit zo lukte!

Vandaag voelt mijn lichaam moe. Ik heb een lichte hoofdpijn en mijn wangen zijn rood en warm, een beetje een koortsig gevoel. Ik weet niet of het onder andere omstandigheden anders zou zijn. Ik voel me in ieder geval nog steeds heel blij en dankbaar ook dat het lukte!

Ik moedig de mensen aan bij de halve en hele marathon. En fiets de halve stad door om mijn zoon en vriendje en lopers van Running Miracle aan te moedigen bij de 10km. Wat voel ik me trots! Ze lopen stralend door de straten en lopen allemaal mooie tijden. De jongens stralen van oor tot oor! Ze hebben het samen gedaan, vlak gelopen met keiharde eindsprint. Het maakt me zo trots!

Ik krijg de vraag of ik het niet jammer vind dat ik niet mee loop. Ik blijf even stil. Voor nu niet! Ik heb gisteren mijn moment gehad en daar ontzettend van genoten. Ik hoop dat ik alles snel weer op de rit heb. Dat mijn VO2max weer stijgt, ik de tijden weer loop van eerder en ik er ook weer zin in heb. Dat ik meer adem heb, niet meer duizelig ben en dat ik misschien ook wel veel sterker ben. Ik kijk vooruit en ik zie een beeld voor me, zo’n soort Lara Croft in Tomb Raider. Ja, dat wil ik ook wel zijn!

Lieve groet, Cobie

Lessen

Oké ik zal het meteen maar bekennen, ik ben hardleers.. Wie niet horen wil, moet voelen. En nu zou ik natuurlijk meteen moeten zeggen dat ik m’n lesje wel geleerd heb. Maar ja, ik ken mezelf…

Met al het sporten zoek ik mijn grenzen op. Dat weet ik, dat wil ik ook graag. En regelmatig voel ik het ook aan mijn lichaam. Er is zo veel wat ik wil, wat ik leuk vind. En ja, ik kan ook wel bekennen dat ik verslaafd ben. Het lijntje waarop ik balanceer is vaak dun. Ik houd het goed in de gaten. En ik roep ook naar iedereen die me erop aanspreekt, dat ik de balans bewaar. Natuurlijk kan dat niet altijd goed gaan. En dan kom je jezelf tegen…

Meerdere pittige trainingen op een dag, een paar dagen achter elkaar. Nieuwe oefeningen erbij. En die eindeloos blijven herhalen. Een survivaltraining en meteen daar achteraan een krachttraining. We doen een warming-up en beginnen met licht gewicht, het voelt meteen al zwaar. We verhogen iets, de eerste keer kraakt alles. Ik til hem nog eens op en voel en scheut door mijn hele rug heen gaan. Ik wil er niks van weten. Ik noem het half en besluit niet te verhogen. Wel ga ik door met squatten, pull-ups en een benchpress. En voel bij de laatste oefening wel dat het niet goed zit. In de loop van de dag wordt mijn rug zo stijf en de volgende dag kan ik amper bewegen. Ik baal! Ik heb nieuwe trainingen die ik nu niet kan doen. En het is nog 5 dagen tot de hyrox, de mixed double waar ik zo veel zin in heb. En ik zet het met zoiets onbenulligs op het spel..

Ik ben gewaarschuwd. De trainer die helpt met de trainingen wil graag filmpjes van mijn pull-up progressie zien. Hij noemt meermaals dat het lijkt of ik vermoeid ben. Hij doet suggesties, ik negeer het. Ik let immers goed op mijn balans. Op woensdagavond, na meerdere pittige trainingen, noemt hij nog meer. Hij heeft het over mijn techniek bij verschillende oefeningen, over het lopen waarop ik alleen maar heb ingeleverd. Hij haalt voeding en slaap hier ook bij aan. Alles blijft door mijn hoofd heen spoken. En ik weet niet zo goed wat ik er mee moet. Als ik hem dat anderhalve dag later aangeef, raken we erover in gesprek. Mijn voeding wordt aangepast, waar ik eigenlijk wel heel blij om ben. Hij stuurt me nieuwe trainingen en benoemt dan nogmaals hoe belangrijk herstel is en dat ik ook eigenlijk meer moet slapen. Ik hoor en lees het allemaal wel, maar leg het toch nog naast me neer. En dan een dag later gaat het mis. Mijn puberzoon stond bij het gesprek en is nu vriendelijk genoeg om er nog even in te wrijven dat de trainer toch wel gelijk had. En dat wordt me ook de dagen daarna wel steeds triomfantelijk genoemd..

Zelf ben ik overtuigd dat ik een dag later wel weer volle bak kan sporten, ik heb immers nieuwe trainingen die wachten. En dat deel ik ook met de trainer. Hij vraagt nog wat ik doe als het niet lukt.. verplicht herstel? Met een knipoog. Een dag later zit er inderdaad niets anders op.

Als ik op woensdag nog niet rechtop kan staan zonder pijn, begin ik hem toch wel een beetje te knijpen. Het boksen is wat aangepast en het lukt me om 800 meter in gedeeltes in een heel sloom tempo te lopen.. Ik moet beloven om donderdag niks meer te doen en ook op vrijdagochtend niet. Op donderdag app ik met de eigenaar van de bootcampclub en tevens fysio. En bij hem kan ik vrijdagochtend terecht. Ik ben niet van plan om de hyrox te laten schieten. Hij geeft aan de pijn niet weg te kunnen nemen, maar wel voor meer beweeglijkheid te kunnen zorgen. Hij masseert en kraakt alles los, het voelt veel soepeler. Ik krijg de opdracht voor een goede warming-up te zorgen, het warm te houden en een goede cooling-down te doen.

Als we in de warming-up zone zijn, probeer ik voorzichtig hard te lopen. Ik heb de maximale dosis paracetamol en ibuprofen genomen. Het lopen lukt, al is het wel met pijn. Ik houd mezelf voor dat de adrenaline van de wedstrijd alles gaat verdoven.

En wat ben ik blij als het allemaal lukt! Ik voel mijn rug onder het lopen, maar kan er wel doorheen. En ook het tempo wel lopen wat ik wil. Mijn maatje remt me regelmatig af. Ik ben door mijn rug zo goed uitgerust, mijn lijf heeft er (op mijn rug na) zin in. Ook de sleetjes waar ik er tegenop keek, gaan goed. Het is de eerste keer met mannengewicht voor mij. En dat vond ik sowieso al spannend, en nu helemaal. Ik focus me op de techniek en weet mijn rug te sparen. De eerste burpees gaan ook prima, tot ik me zo beroerd voel. Duizelig en zwarte vlekken. Mijn maatje doet een paar extra, we lopen daarna iets rustiger. En gelukkig zakt het dan weer. De farmer carry kan mijn rug ook prima hebben. Als ik de zak voor de lunges in mijn nek wil gooien, voel ik hem wel. Mijn maatje helpt me. Bij de lunges krijg ik het zwaar. Het extra gewicht hakt er nu in en de vermoeidheid slaat toe. We doen steeds korte stukjes. Ook tegen de wallballs keek ik erg op, en mijn maatje ook. Ik focus me op diepe squats en dat lukt. Ik gooi twee keer mis, maar heb 0 no-reps en ook geen krukje nodig. Mijn maatje heeft er meer moeite mee. Ik kan er wat van hem overnemen en dan komen toch eindelijk die 100 in zicht. Wat ben ik blij dat het gelukt is! En ook op zo’n manier!

Naderhand voelt mijn rug niet erger. En ook op zaterdag en vandaag niet. Wel is er een mega spierpijn voor in de plaats gekomen. En vandaag staat er een hardloopwedstrijd op de planning. Lang heb ik getwijfeld wat ik zou doen, me toen toch maar voor een 5km ingeschreven met mijn kinderen samen. En vanmorgen weet ik het nog niet.. Ik wil wel met mijn zoon meelopen, maar ik wil ook wel mijn grens opzoeken. Hij is blij met mijn spierpijn. Hij stuurt aan op gezellig samen lopen en niet op de grens opzoeken. Ik stem toe. Maar ja, waar hij dat kan, niet fanatiek zijn en gaan voor plezier, lukt mij dat niet. Ook nu niet. Ik heb een half uur in gedachten, 6min per kilometer en ga hier ook op lopen. Mijn zoon is het na een kilometer zat. Hij heeft tranen in zijn ogen en stuurt mij weg, hij wil gewoon lekker lopen. En niet dit gejaag. Ik ga, ik geef 2 kilometer gas. Ik loop net onder de 6min/km, maar toch ben ik niet blij. Alles doet zeer en ik baal dat ik hem alleen heb achter gelaten. Bij kilometer 3 wacht ik op hem, we lopen samen verder. Hij heeft zo mooi vlak gelopen. Hij oogt ontspannen en kan er in het stadion nog een flinke eindsprint uitpersen, wat mij niet lukt. Bij de finish knuffelen we en noem ik hem dat het me spijt. Hij vindt het niet erg. Als ik later naar iemand anders noem, dat ik zijn loop heb verprutst, barst hij in tranen uit. Hij zegt me dat dat niet zo is. Maar toch had ik dit anders moeten aanpakken. Ik kan zo veel van hem leren!

Om eerlijk te zijn, heb ik nog zo veel te leren. De trainer appt en ook dat gesprek gaat weer op dezelfde voet verder. Hij informeert hoe het gaat, ik heb het over weer volle bak trainen. Hij trekt conclusies over veel doen, te weinig slaap en spierpijn. En vraagt me nog of ik niet beter voor herstel kan gaan..

Lessen…

Lieve groet, Cobie

Don’t complain, enjoy the pain

Lekker! Eindelijk gaat het allemaal weer lekker en kom ik weer in een flow. Ik heb plannen, wensen, doelen. En ik merk dat ik op verschillende fronten weer vooruit ga. En dat is zo lekker!

Regelmatig zeg ik dat een training lekker is gegaan. Maar misschien is het ook wel eens leuk om de andere kant te belichten. Ik vraag me namelijk met regelmaat af of ik toch iets masochistisch over me heb. En of al die andere sporters dat ook hebben..

Laat ik beginnen met het hardlopen. We zeggen altijd dat het zo fijn is, we benoemen alle positieve kanten. Maar weet je, zo’n intervaltraining op je grens, die doet echt pijn. Die laatste paar herhalingen zijn verschrikkelijk. Longen branden, benen willen niet meer. Met een beetje pech komen maag en darmen in opstand en voel je je beroerd. En dan dat stemmetje waar je tegen vecht; “stop maar, het is kansloos, je kan ook rustiger aan doen”. En toch, als je zo’n training volbrengt, die voldoening!
Dan is er ook de lange duurloop. Gewoon lekker lopen op een rustig tempo. Heerlijk dwalen, je hoofd leegmaken. En het liefst in de natuur. Maar dan ga je verder, steeds iets. Zoek je je grenzen op en wil je daar voorbij. Je benen verzuren. Met het verleggen van je grenzen, leer je daar doorheen lopen. Lange afstanden leren je het stemmetje het zwijgen op te leggen. Terwijl je rust vindt in je hoofd, gaat elke vezel in je benen zeer doen. En ook naderhand blijven je benen zeer doen, soms wel dagenlang. En toch, terwijl die pijn er nog zit, denkt je hoofd al weer aan lopen. En weet je dat je nog verder kan. En wil.

Ik ben ook fan van hyrox. Kracht en duur wordt gecombineerd. Het lopen zou als “rust” kunnen dienen. Maar weet je, het komt neer op sporten met een maximale hartslag. Onderdelen als de burpees en de wallballs zijn een hel. En al helemaal als je misselijk en duizelig bent. Maar toch wil je dat PR halen en ga je er doorheen. Om na de finish met andere deelnemers even helemaal van de wereld te zijn. De trainingen zijn vaak niet heel anders, soms nog extremer dan de wedstrijd zelf. En toch, doe ik elke week meerdere trainingen. Koop ik steeds opnieuw een veel te duur ticket. Ik word er gewoon zo blij van.

Aan krachttraining heb ik inmiddels ook mijn hart verloren. Regelmatig is het zwaar. Soms zijn de herhalingen veel, deel je het op. Zie je je zat en wil je lichaam echt niet meer. En ook hier geeft het een kick om je grens op te zoeken. De barbell brandt in je handen. Schouders, benen of buik doen zeer. En dan is er nog de spierpijn naderhand, soms dagenlang. Het kan zo zeer doen dat het je bewegingen beperkt. Of tot een misselijk gevoel aan toe. En toch, ga je weer. Wil je zwaarder en wil je meer.

Survival doe ik ook, vooral met mijn kinderen. Dus dat is vast wat milder, alle kids die er zoveel plezier in hebben. Wat heb ik me daar op verkeken! Wat een bikkels zijn al die survival mensen. Blauwe plekken en schuurplekken worden medailles genoemd. Grip wat brandt. De eeltlaag wordt elke week dikker. Als je een hindernis niet haalt, moet je overnieuw beginnen. En dan is er nog het stuk angst. Veel hindernissen zijn best spannend (in het begin), maar dat wordt door niemand als excuus gebruikt. Steeds verder verleg je je grenzen op dit gebied. Wat een kick om steeds wat nieuws te leren, te kunnen. En voor mij ook om samen met mijn kinderen te kunnen sporten.

Sinds kort voeg ik ook kickboksen aan het rijtje toe. En dat gaat vaak nog wel een stapje verder. De eerste training begon met touwtje springen (zo begint elke training) op blote voeten. Ik leerde meteen dat ik niet mis wil springen. Niemand die verblikt of verbloost als het touw tegen je tenen striemt. Ik ben al 3x met een bloedneus thuis gekomen. 1x Heb ik minuten lang langs de kant gestaan, het bleef maar lopen. En weet je wat pijn deed, dat ik zo graag verder wilde sparren. Rake klappen, ook op je gezicht, daar moest ik wel aan wennen. En dan de trappen. Ik ben er nog steeds niet achter hoe ik ze op moet vangen. En of ze ooit minder pijn gaan doen. Soms loop ik de dag erna kreupel, of skip ik de looptraining maar. We sluiten steeds af met buikspieren, en die zijn pittig. Je ligt daar met handschoenen aan, scheenbeschermers voor en bitje in, want tijd om het uit te doen, is er niet. Na het sparren meteen door. Je vecht tegen jezelf of om het tempo bij te houden. Want als het niet lukt, telt het niet. Of beginnen we met z’n allen opnieuw. En dat wil niemand op zijn geweten hebben. Als ik naderhand naar huis fiets, verheug ik me al weer op de training van volgende week. Het is zo heerlijk, een uurtje volledig in je focus zitten.

Maar weet je wat nou echt pijn doet? Niet kunnen sporten, niet kunnen knallen. Een blessure of iets anders dat je beperk. Je lichaam wordt onrustig en je baalt.

Mijn conclusie; het sporten is gewoon zo lekker, wat je ook doet! Er is niks mis met een beetje masochisme 😉🤫

Lieve groet, Cobie 

Blijf naar je hart luisteren, het zal je de weg fluisteren

Vandaag zag ik een instagrampost voorbijkomen die me aansprak. Het ging over wat het sporten voor die persoon betekende. Ik herkende mezelf erin. Het was niet allemaal prachtig, niet allemaal tot de max. Wel was het realistisch en vooral dat raakte me. Plezier, gedrevenheid en eigen keuzes maken. Hij belichtte het sporten van verschillende kanten. Voor zichzelf, om fit te worden en te blijven en ook dat voor zijn omgeving. Het sociale, samen met anderen. Voor de lol, om te inspireren. En ook samen met zijn kinderen. Het ene moment een shot waarin hij keihard aan het knallen was, het volgende shot liet zien hoe hij bokste met zijn dochter, heel gemoedelijk. Ik herkende mijzelf hier volledig in.

In mijn laatste blog besprak ik mijn zoektocht. Ik kijk terug op een fantastisch jaar. Ik heb veel gedaan waar ik van droomde. Ik ben gegroeid. Ik heb genoten. De plannen voor 2026 liggen klaar. En als ik daar doorheen scrol, dan voel ik die man van de instagrampost. Mijn plannen gaan alle kanten op. Ze zijn ambitieus. Misschien te, maar dat moet blijken.

Ik ben nog zoekende in de manier waarop. In de balans vooral, want dat is niet mijn sterkste punt. En daar loop ik tegen aan..

Er is Running Miracle, de trainingen, de coaching. Dat geeft me veel energie. Het maakt me zo blij! Mensen motiveren, stimuleren, begeleiden. Helpen op welke manier dan ook. Regelmatig train ik mee, loop ik mee. Of plan ik spontaan wat in met mensen samen. Genieten is dat!

Mijn kinderen zijn er, zij hebben ook wensen, doelen. Ze willen grenzen verleggen, nieuwe dingen leren. En wat is er mooier dan dat samen te doen. Naast hun staan in hun avontuur.

En dan zijn er mijn eigen wensen, doelen, dromen. Deels alleen en deels samen. En deze zijn ook erg gevarieerd.

En dat maakt dat mijn trainingen alle kanten opvliegen.. een nieuw pr op de deadlift en de benchpress, een pittige hyroxtest, een lange duurloop, een korte loop met snelheid, knallen in hyroxtrainingen, deze afsluiten met een zware farmer carry als test voor mezelf, oefenen met pull-ups en gripkracht, zware nieuwe trainingen die op mijn grens zitten en voor veel spierpijn zorgen, helemaal stuk gaan bij de kickbokstraining (inclusief blauwe teen, blauwe knie en blauw oog), een lange duurloop inkorten omdat mijn lichaam echt niet meer wil, een intervaltraining, techniek oefenen in de survivaltraining en meedoen aan mijn eerste mountainbike tocht. En dat alles in een dikke week tijd.

En dan is daar het woordje balans. Dit is wat ik allemaal wil doen. Wat ik van mezelf moet doen. Ik beleef er plezier aan. En ik heb het nodig om vooruit te gaan, nodig om mijn doelen te halen. Maar ja, wat baal ik als mijn lichaam tijdens de lange duurloop op vrijdagochtend aangeeft dat mijn grens bereikt is. Ik hield de ochtend hiervoor vrij. En ik pers er moeite een 10km uit. Ik baal en pak mijn rust. Mijn zonen kijken me ’s middags niet begrijpend aan en beide noemen ze dat 10km nog steeds een heel eind is. Ik word wakker geschud. Ook door mijn loopmaatje ’s avonds: “Je zoekt op donderdagavond je grens volledig op met het kickboksen en verwacht dan dat je lichaam een paar uur later weer 30km kan rennen?”

Ik heb een soort van planning gemaakt voor de trainingen. Een houvast, daar heb ik behoefte aan. Alles staat erin. En dus weet ik ook ergens wel dat ik concessies zal moeten doen. Het is een soort surrealistisch ideaalbeeld. Maar de praktijk werkt niet zo. Er komt stress tussendoor, een nacht slecht slapen, niet optimaal eten, iets onverwachts thuis.

Ik weet dat alles alleen maar werkt als ik luister naar mijn lichaam, fysiek, maar ook mentaal. Balans bewaren op alle gebieden. En wat is dat moeilijk! Vorig jaar wilde ik harder worden. Mijn man noemde al dat hij twijfelde of hij dat een goed idee vond. En dat kan ik nu ook wel beamen. Ik heb mijn lichaam en geest getraind in doordoen, als maar doorgaan. Bij harder worden, hoort signalen negeren. Overal dwars doorheen gaan. En ik denk dat ik dat inmiddels redelijk kan. Nu komt de anderen kant. Weten waar de grens ligt. Wanneer wel doorgaan en wanneer stoppen. Alles voelen. Echt voelen. En dus op zoek gaan naar de balans.

Mijn plannen liggen klaar, ambitieus, misschien te. Ik ben bereid om te leren. Om mijn eigen weg te zoeken. Doen wat ik wil, waar ik van geniet. Maar ook te luisteren. Luisteren naar mijn lichaam. En luisteren naar de stemmetjes in mijn hoofd. Balans!

Lieve groet, Cobie

Je hart volgen

Mijn knie is blauw van de lunges, op m’n borst zit een schuurplek van de survivaltraining en m’n handen zijn bedekt met een dikke laag eelt. De spierpijn voel ik door m’n hele lijf. Ik bekijk de foto’s van afgelopen maand. En ik zwijmel terug. Genoten, intens genoten heb ik! Wat heb ik veel gedaan, veel avonturen beleefd. Alleen, voor mezelf. Maar ook met allemaal lieve mensen samen. Wat was het prachtig! Intens ook! En wat heb ik veel geleerd! Ik voel me zo dankbaar voor dit alles. Dankbaar dat m’n lijf het aankan, dankbaar voor alle lieve mensen om me heen. Die het met mee doen, die me helpen, die me de ruimte geven of me een spiegel voorhouden.

Ik heb het gevoel dat ik midden in een proces zit, dat ik zoekende ben. En misschien nu ik dit kan en durf te schrijven, m’n weg aan het vinden ben. Ik maakte met mezelf de afspraak om alleen dat te gaan doen waar m’n hart een sprongetje van maakt. En dus doe ik dat. Ik heb niks met regels, feiten of zo hoort het. Alleen als ik luister naar dat stemmetje diep in mezelf, weet ik dat het goed is. Dan doe ik dat waar ik achter sta, waar ik blij van word, wat me rust geeft en wat zorgt dat ik ’s avonds heerlijk in slaap val.

Dan komt er toch die maar… het is zo veel. Ik kan niet kiezen, en dus doe ik dat ook niet. Mijn hart maakt continu sprongetjes, het stemmetje diep in mij zingt tevreden en ik val elke avond zou gauw ik mijn kussen aanraak, als een blok in slaap. 

Ik pakte deze maand de survivaltrainingen weer wat serieuzer op. Ik leerde nieuwe technieken, samen met Vera. Beetje spannend was het wel. Maar ja, als zij van dat net afrolt met een koprol en soepel doorgaat in de apenhang en zowel zij als de trainers mij aankijken, kan ik niet achterblijven. Samen waren we blij dat we weer wat meer kunnen.

Ik sta elke ochtend weer vroeg op om mijn eigen trainingen uit te voeren. Vier keer in de week staat er een training van een kleine anderhalf uur klaar. En pittig zijn ze zeker! Ze richten zich op mijn doelen, dat wat ik beter wil kunnen. Vaak geven ze veel voldoening, maar soms gaan ze ook mijn grens wel over. Het hakt er dan fysiek enorm in of ik moet me mentaal herpakken om de training tot een einde te brengen. Ja, soms bijna vechten tegen tranen. Ik wil mentaal ook sterker worden, moet mentaal ook sterker worden. Dus het is goed!

Dan heb ik een nieuwe hobby gevonden: kickboksen. Ik word er zo blij van. Het heeft niks te maken met alle sportdoelen die ik heb. En eerlijk gezegd staat het mijn ambities waarschijnlijk meer in de weg dan dat het wat oplevert, maar ja, ik word er zo blij van! Het is een uurtje waarin alles in hoog tempo gebeurt. Alles op tel en veel discipline. Er wordt nergens een weerwoord gegeven, iedereen voert gewoon uit wat opgedragen wordt. Als iemand te langzaam is of het niet goed doet, wordt de herhaling niet geteld of wordt die vervelende hollow hold 1 minuut in plaats van 30 seconden. Niemand die dan nog durft te smokkelen. Het is een uurtje bikkelen. Wat ik vooral leuk vind, is het sparren. Ik moest wel even een knop omzetten toen iemand noemde dat het het leukst is als je ook op het hoofd mag slaan. Ik haalde een bitje en besloot maar gewoon mee te doen. Ik leer veel, iedereen fout wordt afgestraft met een rake klap of trap. Na een uur ben ik doorweekt van het zweet en voel ik me zo blij. Maar ja, dan de combinatie met de andere trainingen. Ik ben al twee keer met een bloedneus thuisgekomen. Heb regelmatig een zeer bovenbeen en heb op vrijdag de intervaltraining al een keer moeten overslaan, omdat ik na een rake trap bijna niet meer kon lopen de dag erna. Ik hou het er maar op dat het bij het begin hoort..

Mijn weken zitten vol met de trainingen die ik doe of geef. Op dinsdag en woensdag weet ik een werkdag te combineren met 3,5uur trainen. Ik geniet ervan. Aan de andere kant weet ik ook dat ik vaak op het randje balanceer. Vrijwel doorlopend heb ik wel ergens spierpijn. En mijn benen blijven maar zwaar voelen.

Deze maand waren er ook weer evenementen. Samen met Felix deed ik op een zaterdagavond mee aan een nighttrail. We liepen 9km in het donker, grotendeels onverhard. Magisch was het, en Felix zijn eerste trail. En wat voor een!

Er stond een adventurerun op de planning. En daar moest natuurlijk voor getraind worden. Ik reisde op een zondagmorgen naar Gert toe om daar een run van zijn survivalvereniging te oefenen. We legden 20km met de mountainbike af en 8km hardlopend in 3,5uur, waarbij we zelf navigeerden. Het was een mooie generale voor de week erop.

Toen mochten we 8 uur onderweg zijn. Het was prachtig!! We hebben een nieuwe sport ontdekt! Puzzelen op de kaarten, op de route. Mountainbiken, hardlopen en kanovaren. Het steppen sloegen we over, dat was vooral modder en iets met niet alles kunnen doen binnen de tijd. Ook deden we survivalhindernissen, alles zat er in! Wat kwamen we blij over de finish! De dag erna maakten we nieuwe plannen. We hebben ons al ingeschreven voor een volgende en een 10uurs op de planning staan. Voor mijn verjaardag vroeg ik een mountainbike, de kinderfiets was toch echt te klein. En dat geeft me nog een nieuwe sport om te leren..

Het hardlopen gaat de laatste tijd niet zo lekker. Eerst was het mentaal nogal een dingetje. Dat kan ik steeds meer loslaten, maar de tijden blijven nog achter. Dan zijn daar loopmaatjes die bereid zijn om op een vroege zondagmorgen wat kilometers te lopen, nog voor de bootcamp. 12 Kilometer, een uurtje bootcamp erachteraan en lopend naar huis, wat de teller op een kleine halve marathon zet.

Het laatste weekend van deze maand stond de hyrox op de planning. Ik wist niet zo goed wat ik moest doen. Maandag was ik nog erg moe van de training van zondag, ik skipte de ochtend workout. Dinsdag was ik jarig en kon ik het niet maken om vast te houden aan mijn 3,5uur. Ik sportte ’s ochtends een uur en de avondtraining was met het oog op de hyrox aangepast naar 45min, een laatste prikkel. En natuurlijk heb ik dan op woensdag energie over. Ik maakte een afweging voor mezelf. Ik wist dat ik niet in de buurt van mijn PR zou komen en dus besloot ik maar te doen waar ik zin in had. Dat resulteerde in 3,5uur sporten op woensdag. Ik zou met de rem erop, maar ja, daar ben ik niet zo goed in.. En een kickboks training op donderdagavond, waarbij de nadruk lag op geen blessure oplopen. En vrijdag was de hyrox. Al na een paar honderd meter hardlopen voelde ik hoe zwaar mijn benen waren, het tempo was lager dan ik zou willen. Ik besloot maar niet meer naar de tijd te kijken. Bij de eerste oefening, de ski-erg, voelde ik de spierpijn van de pull-ups van woensdag. Het was goed. Ik liet alles los. Ik zocht mijn grens op qua sport en ging door. Ergens hoopte ik rond 1.35uur uit te komen. Natuurlijk baalde ik toen ik me realiseerde dat het boven de 1.40uur werd. Dan knakt er mentaal wel even iets. Als dan binnen 3 wallballs de headjudge al naast je staat dat je squats niet diep genoeg zijn, dan wordt het helemaal pittig. Ik vraag om een krukje. Haar reactie: “We gaan het eerst even zo proberen”. Maar ik wil het helemaal niet meer zo proberen. Ergens wil je dan gaan mopperen, de discussie aangaan, boos worden. Maar ik doe het niet, ik voel het ook niet zo. Ze ziet mijn geworstel en geeft me 3 wallballs later toch dat krukje. Met gemengde gevoelens loop ik na 1.41uur over de finish.

Ik laat alles op me inwerken. De hyrox, maar ook alles van eerder deze maand. Afgelopen week waren er verschillende situaties waarin ik de lucht wilde klaren. Dingen die me dwars zaten, situaties waar ik iets mee moest. Iets mee wilde, want ook dat heeft te maken met dat stemmetje in mijn hoofd. Met lekker in slaap kunnen vallen. En ik kom tot de conclusie dat ik veel heb geleerd. Ik heb geleerd om bij mezelf te blijven. Om dat te zeggen of te doen waar ik achter sta. Los van wat andere mensen vinden. Ik merk dat ik rust heb in mijn hoofd. Ik weet dat ik op alle fronten de juiste keuzes heb gemaakt.

En weet je, dan komt alles samen! Mijn felheid, mijn opvliegende karakter wordt gematigd door het sporten. Ik kan er beter afstand door nemen, beter door relativeren, ik word er rustiger door. En dan komt toch het kickboksen er bij kijken. Mijn mond houden en gewoon doen wat er gezegd wordt. En dat terwijl ik erover nadenk en mijn eigen conclusies trek. Ik heb veel geleerd! Het was een prachtige maand! Ik bekijk de foto’s en zwijmel terug. Mijn hart maakt sprongetjes van alle plannen die ik heb. Het stemmetje in mij zingt tevreden en ik val vanavond heerlijk voldaan in slaap!

Lieve groet, Cobie

Zoekende

De vakantie is voorbij, tijd om weer terug te gaan in het gareel. Ik zoek de discipline, de regelmaat waar ik zo van hou. Ja, ik zoek. Daar waar het er vaak redelijk vanzelf is, is het nu ver te zoeken.

Ik nam me voor om in de vakantie lekker te trainen, vrije tijd, doen wat je graag doet. Helaas dacht m’n lichaam daar anders over en trapte het voor mij op de rem. Al op de derde dag schoot het in m’n kuit. Ik had een soort ultieme training bedacht, heuveltraining, waarbij ik tussendoor oefeningen wilde doen. Geen warming-up natuurlijk, wel kuiten die al op spanning stonden. En dan toch als een gek de heuvel op sprinten. Ik heb wel eens betere ideeën gehad.. Het trok van onder tot boven door mijn kuit. Om mijn humeur nog enigszins vrolijk te houden, ben ik maar verder gegaan met buikspieroefeningen.

Ik had geen keus, daar was mijn rem. Na al het extreme sporten, trainen wat ik de maanden daarvoor had gedaan. Na alle emoties van de afgelopen weken, werd me nu een halt toe geroepen. Ik werd gedwongen om naar mijn lichaam te luisteren. Echt blessures heb ik vrijwel nooit. Als ik daarentegen maar door dender, en vooral mijn emoties geen plekje geef, maakt mijn lichaam me dat wel duidelijk. En vaak schiet het dan in een van mijn kuiten. En ik weet dat het pas over gaat als ik aan alles toegeef.

De andere vakantiedagen trainde ik rustig, herstel, wat oefeningen en vooral om even lekker bezig te zijn. Geen knallen, geen lat. En het was goed. We hebben als gezin veel met elkaar gepraat, veel tijd voor elkaar, goede gesprekken. En dat was heel goed!

We waren allemaal toe aan wat positiviteit en daarom besloten we na onze vakantie een puppy op te halen en 5 dagen later ook twee kittens. Dat jonge leven, het impulsieve, onbevangene, precies wat we allemaal nodig hadden!

Mijn kuit voelde ik beter worden. En toch trapte ik er weer in om te snel weer te veel te willen. Ik kreeg de opdracht om veel te rekken en sprak met mezelf af om nu echt naar m’n lichaam te luisteren. En dan merk ik dat het binnen een paar dagen echt over is.

Maar nu… Alles is weer begonnen. Ik pak de trainingen met anderen weer op. Mijn agenda is weer flink gevuld met loopjes, survivalruns, adventure runs, een hyrox, een marathon en een ultra. Maar er mist nog iets.. De overtuiging. Het lukt me nog niet om de trainingen voor mezelf weer te doen, ik rommel wat aan. Ik slaap wat langer en ik verzin excuses. Het eten gaat nog niet zoals ik graag wil, ook hier mist de discipline en dat geeft de weegschaal ook aan. Binnen de trainingen lukt het me soms om te knallen, dat voelt weer goed. Maar naderhand merk ik hoeveel het mijn lichaam heeft gekost. Ik ben moe, ik heb meer spierpijn dan anders en ik voel continu wel iets in m’n lijf. Ook haal ik de tempo’s niet van een paar maanden geleden.

Vrijdag was ik bij de masseur en volgens mij heeft het nog nooit zo intens gevoeld. Ik bleef maar tegen mezelf zeggen: “ontspan!” En toen hij als laatste bij m’n kuiten was, brak het zweet me uit en merkte ik wel dat er toch nog van alles zat.

Daarna voelde alles licht. Gisteren de eerste survivalrun met een goede vriend en mijn kinderen. Het kostte veel moeite, ik voelde me naderhand zo moe. En toch voelden deze dagen ook alsof er een knop omging.

Ik besloot vanmorgen lopend naar de bootcamp te gaan, iets met een marathon die in mijn nek hijgt.. Dat ging lekker! De bootcamp was een hyrox workout, mijn favoriet! Ik kon lekker knallen. De terugweg was zwaar, toch kon ik wel doorlopen. En naderhand merkte ik dat ik me eigenlijk helemaal niet zo moe voelde.

Ik zoek van alles uit voor Running Miracle en ik merk dat ik zelf ook weer ruimte krijg voor plannen! En vooral, dat ik weer zin krijg! Ik wil deze week weer lekker trainen, balans bewaken, maar ook lekker knallen! Bij het boksen van mijn zoon raakte ik aan de praat met een vader. Hij heeft me overgehaald om deze week het uur daarna met de volwassenen mee te boksen. Mijn man verklaart me voor gek, ik merk hoe blij het me maakt. Even een keer wat anders, weer lekker uit m’n comfortzone.

Hoe alles er de komende tijd precies uit gaat zien, weet ik nog niet. Dat de zin weer terug komt, weet ik wel. Gewoon lekker dat doen waar ik blij van word!

Lieve groet, Cobie

Opladen

Een logisch vervolg op mijn vorige blogs zou zijn, dat ik nu iets zou schrijven over herstel. En dat was ik ook van plan. Alleen twijfel ik een beetje of ik wel de juiste persoon ben om daar iets over te zeggen…

Laat ik beginnen bij het moment net na de Ultimate Warrior. Ik zit in de auto naar huis, ben inmiddels een uurtje of 28 wakker en ik had me voorgenomen om heerlijk te gaan slapen. Niet dus! Nog even schieten alle blije hormonen door m’n lijf. Maar dan laat mijn lichaam me toch terugkomen in de realiteit. Auw!!!! Wat doet mijn lichaam zeer. Ik ken dit gevoel van eerder, maar was het vergeten, heb het verdrongen. Het is echt verschrikkelijk! Ik zit gevangen in die autostoel en weet niet hoe ik mijn lichaam moet houden, hoe ik mijn benen neer moet zetten. Het maakt ook eigenlijk niet uit, het doet hoe dan ook ontzettend veel pijn. Zo veel dat ik er niet door in slaap kan vallen. Ik blijf bewegen, wat duurt de terugweg lang. Als ik thuiskom loop ik voorzichtig de trap op en probeer een paar uurtjes te slapen. Ook nu gaat het niet verder dan een beetje dommelen. Elke keer word ik wakker van het vervelende gevoel in mijn lichaam. Na een paar uurtjes strompel ik de trap af. Gelukkig zakt het intense gevoel snel af en kan ik daar ’s nachts wel om slapen.

Onze kat is erg ziek. Ik ga ’s avonds veel later naar bed dan ik van plan was, ik knuffel nog veel met hem en wil nog even bij hem zijn. De volgende ochtend heeft hij nog heel even een ademhaling. Als we allemaal beneden zijn, overlijdt hij. Hij heeft op ons gewacht. Ik voel nu alleen verdriet, intens verdriet. We begraven hem en ik meld me, iets later dan anders, op mijn werk. Dit is zo raar, blijdschap en verdriet gaan volledig door elkaar. Mijn lichaam voel ik niet meer.

De trainingen die ik normaal gesproken op maandagavond geef, had ik al afgezegd. Mijn loopmaatje en goede vriendin komt langs met bloemen en chocolade om me te troosten en om het te vieren.

Waar ik op zondag weinig honger heb en calorieën overhoud, haal ik dat op maandag meer dan in en ook de dagen daarna ga ik wel 500 tot 900 calorieën per dag over het beoogde aantal heen. Ik zou willen dat het allemaal gezond was en vooral eiwitten waren. Ik heb gewoon ontzettend honger!

Op dinsdagavond heb ik wel zin om weer te trainen. Het is ontzettend heet, de hybride training die op de planning stond, wordt aangepast. Drie kwartier met wat pauzes tussendoor. Voor mij achteraf perfect als hersteltraining! Op woensdagavond gaan de trainingen niet door en doe ik een workout voor mezelf, deze gaat lekker. En vanaf dan pak ik de trainingen weer op. Het lukt me alleen nog niet om ’s ochtends vroeg op te staan en een training zelf te doen. Dat neem ik maar even voor lief, ik heb m’n slaap nog hard nodig.

Ik had al bedacht dat deze week in het teken zou staan van rustig aan doen en herstellen. Het tandartsbezoek wat nog moet, plan ik in deze week. Ik ga uit eten met collega’s, al ben ik wel de eerste die afhaakt, omdat ik m’n ogen niet meer open kan houden.

En op vrijdag breng ik een bezoek aan de masseur. Hij hoort mijn verhaal aan en besluit dat het geen stevige massage gaat worden, maar een herstellende. Ik besluit het maar over me heen te laten komen. Ik ben er twee keer geweest, op aanraden van de trainer. Dat was wel een drempel. Ik liet alleen mijn benen masseren en ik moest wel bekennen dat mijn benen de dag erna zo veel fijner voelden. En nu besloot ik om voor een volledige sportmassage te gaan, maar ook daar is de drempel weer. Dus maar gewoon over me heen laten komen. Hij noemt van alles over energie en lijkt precies te weten waar mijn lichaam behoefte aan heeft. Hij zet me aan het nadenken over voeding. Hij noemt dat ik spot met de wetten van de natuur. Dat wat ik doe en dat ik daarnaast vegetarisch ben. Ik vind het interessante standpunten en vraag er op door. En ik noem mijn plan om over twee weken mee te doen met de Kardingebultra. Hij veroordeelt niet, maar stelt wel de vraag of ik dan op dat moment naar mijn lichaam ga luisteren. Ik denk niet dat ik een antwoord hoef te geven. Daarnaast heeft hij allang aan mijn lichaam gevoeld hoe laag de energie (nog) is.

Op zaterdagochtend ga in naar de bootcamp en doe ik ’s middags samen met mijn dochter mee aan tot de nek in de drek. En nu merk ik wel dat ik er nog lang niet ben. Als zij hard begint, moet ik erg m’n best doen om bij te blijven en wat ben ik blij als zij wil wandelen.

De week daarna doe ik alle trainingen weer, ook ’s ochtends. De benchmark eind van de week is een minuut langzamer dan twee weken eerder. Dat geeft alles aan, toch ben ik erg tevreden dat ik al weer zo ver ben.

Op maandagochtend merken we dat we een beslissing moeten maken voor onze doodzieke hond. Precies twee weken na de kat, moeten we ook hem laten gaan. Wat hakt dat er in. Ik heb te dealen met de emoties van mijn gezin. Maar ik merk dat ik er zelf ook helemaal af lig. Ik blijf maar huilen. Ik kom de hele dag tot niks. Op de namiddag schop ik mezelf naar buiten en ga trainen. Nou ja, dat is een groot woord, op dat moment is het therapie voor mij.

Het lukt me niet om me niet om ’s ochtends vroeg te gaan sporten. Ik ben zo gesloopt, emotioneel. Aan de trainingen met anderen heb ik juist extra behoefte, even gedachten verzetten. Daar komt nog bij dat ik misschien toch iets gas terug moet nemen voor de Kardingebultra. Ik ga op donderdagochtend nog naar de bootcamp en die voel ik wel in m’n benen, misschien ook niet heel verstandig.

Mijn herstel was een rare drie weken, wat werkelijk alle kanten op vloog. Uit ervaring weet ik dat als je een extreem lange obstacle run doet, de spierpijn wel snel wegtrekt. Maar de vermoeidheid daarentegen. Bij een obstacle marathon duurde het een dikke drie weken. Dus nu, ik heb werkelijk geen idee.

Er staat een backyard ultra op de planning. Ieder uur start je opnieuw voor een ronde van 6,7km, tot je stopt of niet op tijd bent voor een nieuwe start. Met een maximum van 24uur. Ik kwam het op internet tegen en voordat ik had gelezen wat het was, had ik me al ingeschreven. En pas later kwam ik erachter dat er maar drie weken tussen de wedstrijden zat.

Ik weet dat ik het niet tot het einde zal redden, ik hoop een mooi aantal kilometers te lopen. Hoewel ik ook regelmatig twijfel of ik überhaupt wel moet gaan. Ik besluit het maar gewoon aan te gaan, zonder verwachtingen. Het is warm, bijna 30 graden. Ik neem voor de start een duik in het meer en koel al vast wat af. We starten om 14.00uur en van het begin af aan heb ik het zwaar. Geen moment gaat het lopen vanzelf. De eerste ronde kan ik nog meelopen met een groep. Ik kom na 48 minuten binnen. Eten, drinken, plassen, een koude douche en weer weg. Iedere ronde ben ik iets langzamer en in de derde ronde ben ik alles al aan het vervloeken. Ik app Peter dat hij me ’s avonds wel op kan komen halen.

De vierde ronde zet ik muziek op, dat leidt wel iets af. Ik heb het zo warm en kan niet genoeg afkoelen. Lange afstanden wil ik lopen met een hartslag onder de 140, nu zit hij steeds op 145 en ook wel op 150. En het belangrijkste, ik krijg het mentaal niet op de rit. Ik ga iedere ronde meer wandelen, houd steeds minder tijd over. En ik maak me gek met de tijd. Onder het lopen, zie ik dat ik te langzaam ga. Als ik pauze heb, kijk ik continu hoe lang ik nog heb. Ik ben er zo klaar mee.

Als in ronde vier ook mijn maag en darmen gaan opspelen, weet ik dat mijn lichaam echt schreeuwt om te stoppen. Ik besluit zes rondes te lopen, dan geeft mijn horloge een marathon aan. Ik kom net binnen de tijd binnen en zou nog verder mogen, maar het is klaar.

Ik weet niet of ik keihard wil huilen of heel blij ben dat deze lijdensweg is afgelopen. Peter en Vera zijn er al snel. De man van de organisatie loopt langs en vraagt of ik tevreden ben. Ik blijf net te lang stil, waarop Peter het maar voor me invult. Ik noemde geen verwachtingen te hebben, toch kwam ik wel voor een kilometer of 70 of 80. Het valt me tegen, ik stel mezelf teleur. Alles wat ik hierboven schreef, er zijn tig redenen waarom ik niet verder kwam, niet verder kon. Dat is rationeel. De lat voor mezelf ligt hoog, ik had dit anders bedacht, anders gewild.

Rationeel weet ik ook dat dit de momenten zijn waar ik het meeste van leer. Hier kan geen training tegenop. Waar ik in het verleden het aandenken snel zou hebben weggestopt, maak ik er nu een foto mee en geef ik het een mooi plaatsje in huis. Ik weet dat ik dit ook nodig heb om verder te komen. Het is niet erg om mezelf soms keihard tegen te komen.

Ik slaap slecht en ben op tijd wakker. Mijn lichaam voelt goed, ik ga naar de bootcamp. Misschien niet zo zeer voor het sporten op zich, wel omdat ik het even nodig heb. Ik krijg een knuffel van een trainingsmaatje die precies schijnt te weten hoe ik me voel. En met z’n drieën knallen we keihard en hebben we veel lol. Precies wat ik nodig had!

En nu? Nu is het tijd voor herstel, tijd om mentaal op te laden. Ik heb met m’n man afgesproken dat ik me nu even niet impulsief ga inschrijven voor lange, gekke uitdagingen. We gaan deze week de vakantie plannen en volgende week trekken we erop uit. Even weg van alles. Morgen breng ik nog een bezoek aan de masseur. En ik ga weer lekker trainen, doen waar ik eigenlijk het meeste van hou. Even resetten, even voor mezelf, even geen druk, even geen lat… vakantie!

Lieve groet, Cobie