Het raadsel van het lopen

24 mei 2020

Waarom hardlopen? – deze vraag blijf ik mezelf stellen en ik blijf zoeken naar het antwoord. Ik kan hier nu gaan verkondigen dat ik “het” antwoord heb gevonden en hier een uiteenzetting schrijven om iedereen tot het hardlopen te bekeren…

Maar nee, hoe meer ik me in de vraag verdiep, hoe ingewikkelder het antwoord lijkt te worden.

Als ik vriend google raadpleeg, komen de wetenschappelijke antwoorden. Ik vind informatie over dat langeafstandslopers meer verbindingen hebben tussen het frontale-pariëtale netwerk en andere hersengebieden die geassocieerd worden met zelfdiscipline en het werkgeheugen. Aerobische activiteit stimuleert de aanmaak van nieuwe hersencellen en verhoogt de cognitieve flexibiliteit, waardoor je sneller op onverwachte zaken kan inspelen. En natuurlijk de hormonen die een bijdrage leveren. Terwijl je loopt, verlaagt het stresshormoon cortisol en verhogen ‘feelgood’ stofjes als serotonine en endorfine. Hoe meer endorfines in het bloed en de hersenen, hoe gelukkiger mensen zijn. En hoe langer je loopt, hoe meer endorfines je aanmaakt. Al overtuigd om te beginnen? Grapje!
Dit is een antwoord, een waarheid. Voor mij is dit niet waarom ik hardloop of zeker niet alleen waarom ik hardloop.

Door het hardlopen ben ik meer in balans. Ik heb meer rust over me, waardoor ik me op andere momenten beter kan concentreren. Ik kan van mezelf nogal fel en opvliegend zijn, het hardlopen haalt hier zeker de harde randjes vanaf. Ik durf te stellen dat het hardlopen me flexibeler maakt, fijn dat dit door de wetenschap wordt ondersteund. Ook de wisselingen van de hoeveelheid hormonen ervaar ik tijdens en na het lopen aan den lijve. Stresserende situaties voelen tijdens en na het lopen ineens beduidend minder zwaar. En het lopen maakt me vaak gewoon heel blij! Lekker je hoofd leeglopen.

Maar als dit niet het antwoord of het volledige antwoord is, wat dan wel?

Laat ik het nu meer van de filosofische kant belichten. In het boek; Filosofie van de duurloop, geschreven door Mark Rowlands, staat de volgende passage:

“Ieder kind weet wat waarde is – ze weten wat er in het leven belangrijk is – hoewel ze van zichzelf niet weten dat ze dit weten. En ze weten het zoals kinderen nu eenmaal dingen weten, een soort weten waar volwassenen grote moeite mee hebben en dat ze helemaal opnieuw moeten leren. Ooit wist ik wat waardevol was. Omdat ik het in mijn lichaam en niet in mijn hoofd wist, wist ik niet dat ik het wist. Het hardlopen voert me terug naar dingen die ik eens wist maar heb moeten vergeten. Dankzij het hardlopen kom ik weer in aanraking met een soort waarde die in je volwassen leven gemakkelijk verdwijnt. Hardlopen is een manier om te herinneren – een manier waarop het lichaam zich herinnert wat de geest niet heeft kunnen onthouden. Tijdens een duurloop ervaar je een bijzonder gevoel van vrijheid – de vrijheid om tijd met je geest door te brengen. “

En ook hier zit, denk ik, een stukje van het antwoord in. Als ik tijdens het lopen mijn ritme heb gevonden, gaan mijn gedachten stromen. Het lopen, het lichaam verdwijnt naar de achtergrond. De gedachten, de geest neemt het over. De gedachten springen heen en weer, soms heeft het iets weg van dromen. Soms lijkt het iets weg te hebben van verwerken. En soms is het gewoon om alles even een plekje te geven. Als ik veel emoties voel, wat voor emoties dan ook. Dan is lopen fijn. Het laat de emoties er zijn, ik ervaar ze. Maar ik voel ze ook in balans komen. Ze krijgen een plekje.
De schrijver van het boek heeft het over wat belangrijk is in het leven en dat kinderen dat weten. En ook denk ik dat dat waar is. Ik voelde me als kind vaak zelfverzekerd, overtuigd van iets. Het was gewoon zo en er was geen plaats of ruimte voor twijfel. En vaak klopte dat ook. Ik denk dat het een gevoel is, een intuïtief iets. Ik zie het nu ook bij mijn eigen kinderen. Ze blijven bij zichzelf. Ze staan dicht bij de natuur. En ze weten gewoon bepaalde dingen niet, nog niet. En ook die onwetendheid maakt gewoon dat dat wat zij voelen, de waarheid is. Soms hoeft het niet zo heel ingewikkeld te zijn. Misschien dat het lopen me weer terugvoert naar het voelen. Het verstand loslaten en gewoon dat waarnemen wat er op dat moment is, wat er op dat moment toe doet. Niks meer en niks minder. Het komt als een soort berusting, berusting in de situatie. En die berusting neem ik mee naar het dagelijks leven, leven in het hier en nu.
Het doet me tevens denken aan een nummer van Boudewijn de Groot; Voor de overlevenden. Eigenlijk het hele nummer (de tekst staat onderaan deze blog), maar vooral de zin; “de poes kon ik niet meer verstaan”.

Als ik dan voor mezelf de balans op maak; waarom loop ik hard? Hardlopen is mijn psychiater, mijn huisarts, mijn diëtist. Hardlopen maakt me blij, het zorgt dat ik lekker slaap. Het zorgt dat ik in balans ben, dat ik een uitlaatklep heb. Het geeft me een moment voor mezelf. Het geeft me een doel, het geeft me regelmaat en houvast. Het leert me mijn lichaam kennen, het geeft me vertrouwen in mijn intuïtie. Het maakt me sterker, harder, fitter. Maar ook zachter, liever en geduldiger. Het geeft me vertrouwen…

“Having a true faith is the most difficult thing in te world. Many will try to take it from you”- Steve Prefontaine
Amen!

Tot zo ver mijn poging tot bekeren ?

Afgelopen week lekker getraind. Via een app op mijn telefoon drie keer krachttraining gedaan. Een training met korte intervallen, een met wat langere blokken en een duurloop vandaag. De intervallen gingen lekker. Tegen de duurloop vandaag zag ik wat op, waarschijnlijk door mijn overmoed van vorige week. Vandaag bedacht om iets korter te gaan, 15 km en een totaal andere ronde. Om het mentaal wat makkelijker te maken. Het ging van begin tot einde heerlijk! Rustig tempo, veel trail paadjes. Kikkers in een vijver gehoord, een reiger zien wegvliegen. De verleiding om aan te haken bij mijn “rodrigues” (de eeuwige niet te verslane concurrent van Benali in marathonloper) kunnen weerstaan. Verkoelende regen in mijn gezicht, een heerlijk windje erbij. Net de 15km niet gaan halen en dan toch de energie hebben om die prachtige nieuwe fietsbrug nog een keer af en op te lopen…en nog een keer om de 15 toch echt te halen. Dan wel van de andere kant, aangezien er nog iemand heuveltraining aan het doen was en hij net zo ongemakkelijk betrapt naar mij keek als ik me voelde. En dan de laatste 250meter kunnen versnellen en de allerlaatste 100meter kunnen sprinten. En dan de stopknop op je horloge indrukken en zien dat je toch echt sneller gelopen hebt dan alle voorgaande lange duurlopen de afgelopen periode. DAMN!!!! (Of nu alsnog overstag ;-p

Lieve groet, Cobie

Voor de overlevenden – Lennaert Nijgh / Boudewijn de Groot

Wie vertelt me van het leven?
Grote broer, die weet het best.
Als ik groot ben, wil ik even
groot en sterk zijn als de rest.
De poes vindt van niet.
Hij zegt: ik kan hem nu verstaan.
Als ik groot ben, is dat van de baan,
want grote mensen praten niet met poezen.

En nu ben ik groot
en belangrijk en student.
Grote broer, je bent nu dood,
ik heb je nooit als vriend gekend.
Je bent een zware man,
je bent een grote vreemde vader.
Een meneer die het weten kan.
Maar voor mij ben je alleen maar een verrader.

Vlinders zongen in de bomen,
vogels zaten op mijn hand.
Kleine man, je bent aan ’t dromen,
kom gebruik nu je verstand.
En dat heb ik nu gedaan.
Eerst was verstand een heel nieuw spel,
de poes kon ik niet meer verstaan,
de school werd na een week een hel.
Het paradijs is niet voor grote jongens.

Tot dusver heel normaal,
iedereen wordt eenmaal groot,
het overkomt ons allemaal
en een ieder sterft zijn kinderdood.
Je wordt een grote vent,
je wordt een trage lange jongen
die Tacitus en Wolkers kent
en al zijn dromen netjes heeft verdrongen.

Vlinders moeten rupsen worden,
vogels kruipen in hun ei.
Vliegen hoort niet in de orde
van de mensenmaatschappij.
Toch is er soms een weg.

Toch is er iets dat overleeft
en soms dan kan je even weg
omdat wie wil wel vleugels heeft,
al is het dan alleen maar om te dromen,
alleen maar om te dromen.

“Zichzelf te overwinnen is de beste en grootste van alle overwinningen”- plato

17 mei 2020 

Het plan ligt er, met meer regelmaat en wat meer gestructureerd trainen. Ik heb internet afgestruind naar een schema, wat enigszins paste bij wat ik voor ogen heb. Dit om mezelf wat meer houvast te geven, als een stok achter de deur. Ik vond een acht-weeks schema voor de halve. Gebaseerd op drie trainingen in de week, wat haalbaar moet zijn met mijn gezin. Een interval training, een tempoloop en een lange duurloop. Goede combinatie van afstand en snelheid. Op dezelfde pagina stond ook een zes-weeks schema voor tien kilometer, de tempolopen waren daar de eerste weken intervaltrainingen met wat langere blokken op een hoger tempo. Aangezien mijn tempo echt 0,0 is en ik weet dat ik mezelf snel opblaas, sprak dat me meer aan. Wel heb ik een enorme behoefte om wat langere afstanden te gaan lopen. Conclusie; ik heb beide schema’s achter elkaar geplakt en met mezelf afgesproken dat ik de lange duurloop langer maak dan het schema aangeeft.

Maar ik wilde mezelf weer lekker in mijn lijf voelen en ik denk dat daar meer voor nodig is. Mijn slaappatroon is knudde en in eerste instantie schoof ik het steeds op de kinderen af. Regelmatig voelde ik me een wandelende zombie. Nu denk ik dat ik het vooral bij mezelf moet zoeken. Of ik val nooit in slaap, of ik lig uren wakker midden in de nacht, of ik ben idioot vroeg wakker. Het voelt voor mij als een vicieuze cirkel die doorbroken moet worden. Moe worden door het sporten en in (ieder geval voor korte periodes) in een diepere slaap komen. Een paar weken geleden heb ik op dit gebied de knop omgezet. Als ik wakker ben (en het is na vijven), ga ik uit bed. Ik ben vrijwel elke ochtend als eerste op, de hele dag ligt nog voor me. Nu, na een paar weken begin ik er de vruchten van te plukken. Rustig de dag opstarten met een documentaire of even lekker netflixen. En dan nog op een redelijk vroeg tijdstip met werken of sporten beginnen. Ik slaap dieper en beter door en ook de periodes die ik slaap zijn inmiddels beduidend langer dan een paar maanden terug.

Tevens probeer ik wat gezonder te eten. Het lukt me om verleidingen te weerstaan. Wel vind ik het lastig om het juiste te eten. Een hongergevoel overvalt me regelmatig, ik vergeet een tussendoortje of ik stem mijn eetpatroon onvoldoende af op wat ik van plan ben te gaan doen of gedaan heb. Voor de lange duurloop deze week heb ik hier bewust bij stilgestaan. Nu moet ik dit doortrekken naar de hele week.

Het leek me een goed idee om ook wat structureler oefeningen te gaan doen. Op de site waar ik de schema’s vond, kwam ik twee series oefeningen tegen voor beenspieren en core stability. Ik puzzelde hier wat mee en op datzelfde moment kwam een appje binnen met de zoomles van mijn kinderen, en per ongeluk ook de andere lessen die dag gegeven zouden worden. Ik grapte hier wat over dat dansen niet echt mijn ding is, waarop de reactie kwam dat er ook een les Hitt training is. En aangezien ik niet echt in toeval geloof, besloot ik mee te doen. Dat heb ik geweten! Werkelijk alle spieren kwamen aan bod, maar wat een heerlijk gevoel gaf het. Het leverde twee dagen behoorlijke spierpijn op, gelukkig beperkte dat zich deze week al tot een dag en tot eigenlijk alleen armen en schouders.

Deze week heb ik een interval training gedaan met 10 x 2 minuten. Ik vond het op dat moment erg zwaar, maar ik voelde me naderhand als herboren. En ook heb ik een training gedaan met blokken van 6 minuten, gevolgd door 3 minuten rust en dat 5 x. Ik keek hier eerlijk gezegd behoorlijk tegenop. Ik loop momenteel rustig of snel en heb moeite om daar een tempo tussen in te vinden, wat eigenlijk wel gewenst is voor wat langere intervallen. De training is volbracht en ook deze gaf me een goed gevoel. Hopelijk helpen deze trainingen me om mijn tempo wat omhoog te krijgen en weer wat tempogevoel te ontwikkelen.

Vandaag gelopen zoals lopen bedoeld is. Of tenminste, hoe het voor mij bedoeld is. Waterfles mee, winegums mee, muziekje op en de tijd hebben. Zwerven, mezelf verwonderen, alles wat ik waarneem in me opnemen. De natuur is prachtig!!

Ok, nu de realiteit. De periode tussen ongeveer een half uur en een uur en een kwartier voelde zo. Ik kon de wereld aan, ik zweefde en genoot van alles om me heen. Het eerste half uur was ik bezig met in mijn ritme komen. Ik las een tijdje geleden iets over “de 12-minuten regel”. Dat houdt in dat als je geen zin of puf hebt om te gaan hardlopen, je toch gewoon moet gaan en het na 12 minuten nog eens moet overwegen. Dan zou het een stuk aangenamer zijn. Dat gaat voor mij niet op. Het eerste half uur is zoeken naar het juiste tempo en vooral mijn hartslag en ademhaling onder controle krijgen. Na een half uur was ik op een adembenemend stukje aarde en voelde ik me goed.

Zonder concreet plan ging ik verder. Aangename temperatuur, zonnetje erbij, helemaal perfect! De weggetjes liepen net iets anders dan ik mij herinnerde, het maakte niet uit. Ik had de tijd en ik voelde me top. Daar in de verte lonkte de Lonnekerberg. Jaren geleden liep ik daar vaak met mijn hardloopmaatje. Als ik geen gekke extra paadjes insla, moet het toch kunnen om dit rondje te gaan maken. Het was er schitterend. Hoewel het gevoel waarmee ik er nu overheen liep toch niet helemaal hetzelfde was als toen. Rustig aan, dit is de lange duurloop. Het gaat niet om snelheid, alleen om genieten. Dat hield ik nog een poosje vol. Ik weet van mijzelf dat als ik op deze manier ga lopen, ik altijd verder loop dan ik aanvankelijk van plan ben. Thuis had ik genoemd tussen de anderhalf en twee uur weg te zullen zijn. Gelukkig kent mijn man mij inmiddels goed genoeg om te weten dat het die twee uur wordt, plus nog een beetje extra (en hij daar ook maar beter op kan hopen, want als dat het niet wordt, ik waarschijnlijk thuis kom en ontzettend….ah fijn, dat hoef ik vast niet uit te leggen). Met nog een kilometer of vijf te gaan, werd het beduidend zwaarder. Regelmatig een paar slokken water en een winegum, om mezelf te motiveren voor het laatste stuk. Ik sprak met mezelf af door te lopen tot 18 km en dan uit te wandelen. Ik heb mezelf weer eens overtroffen in een perfecte opbouw van kilometers en zeer verantwoord trainen. Dit is hoe ik in het verleden ook steeds verder ben gaan lopen, en misschien is dit wel hoe lopen voor mij bedoeld is…Ik ben blij met mijn lijf, dat het al die impulsieve acties goed verteert.

Al met al ben ik zeer tevreden over afgelopen week. Blij dat het me lukte om alle trainingen in de week te krijgen. En vooral blij met hoe ik me nu voel en de afgelopen week heb gevoeld. Voldaan en vol energie!

Dit weekend ben ik begonnen in een boek dat ik nog had liggen en waarvan het stukje van de auteur zelf over het boek, wel heel toepasselijk is:

Ik durf er een stevig paar pinten op te verwedden dat u na een halve of hele marathon of de beklimming van de Mont Ventoux de volgende vraag krijgt: ”En, in welke tijd hebt u dat gedaan?” Zelden zal iemand in een eerste reactie peilen naar uw subjectieve beleving met een vraag waarop u zou kunnen antwoorden: ”Genoten, mens, genoten dat ik heb! Seks is het niet, maar het lijkt er verdorie toch goed op.” Ziet u al het podium waarop de grootste genieters bekroond worden?’
– Marc Van den Bossche in Sport als levenskunst

De ironie van mijn imaginaire lat

12 mei 2020 

Ik kijk omhoog,
daar, net iets boven mijn reikwijdte,
daar ligt hij op mij te wachten,
ik kan er bijna bij….
nog iets,
iets hoger,
iets sneller,
beter, dieper of meer afzien,
bijna, en dan…

Hij ontglipt me net,
hij gaat omhoog,
weer boven me,
ik ga nog sneller,
nog beter en dieper,
zie nog meer af, lijd pijn,
ik wil, ik zal,
ik klim omhoog,
strek mijn hand,
mijn vingertoppen, bijna…

Maar weer, weer omhoog,
nog meer eisen, nog meer verwachtingen,
teleurstellingen aan de kant en vechten,
ik moet, ik kan het,
ga steeds dieper, verder, ik ga door.
Door tot wat?
Wanneer ben ik er?
Niet aan denken! Omhoog kijken!
En grijp! Grijp beet! Grijp die lat!

Aan jezelf opgelegd,
je eigen eisen, je eigen verwachtingen,
en de ironie ervan,
je weet het, diep van binnen,
nooit, nooit zul je het bereiken,
de lat steeds zien, maar er steeds niet bij kunnen.

Maar dan, dan heb je beet…
Je voelt het in je vingertoppen.
Pak het vast! Trek het naar je toe!
Maar hoe ironisch…
Nee niet de lat, die ligt daar nog.
daar net boven je,
het is het broertje,
het is de uitdaging,
…en het is hij die je, ironisch genoeg, steeds op de been houdt!

Lieve groet,
Cobie (2010)

Herstart

10 mei 2020 

Welkom op mijn blog! Ik hoop hier een inspirerend verslag te plaatsen van een mooie reis die ik van plan ben te gaan maken. Een reis naar nieuwe avonturen op sportgebied; op hardloopgebied. Mijn hart ligt daar (of eigenlijk een stukje ervan, want ik heb meer grote liefdes).

Ik sta nu aan het begin, mijn herstart. De kriebels zijn er nog steeds, hoewel er wat jaren voorbij zijn gegaan, zit het stukje verslaving er nog steeds. Ik slurp alle nieuwe informatie die ik vind op en het liefst wil ik dit delen met de hele wereld. Tijdens mijn trainingen ervaar ik euforie momenten of kom ik tot grote inzichten (waarschijnlijk voelt dat alleen voor mijzelf zo op zo’n moment). En in mijn hoofd maak ik plannen, voor ooit ergens in de toekomst of over de weg daar naar toe.

En natuurlijk, ik droom. Ik droom over wat ik graag ooit zou willen. Waar ik naar toe hoop te gaan. Hoe ik daar hoop te komen. Misschien blijft het bij dromen, maar misschien, ooit, op een dag…

Voor nu wil ik graag weer wat meer regelmaat krijgen in mijn trainingen. Me weer wat fitter voelen. Ik had een doel bedacht. Een doel van 21 km halverwege april. Maar helaas.. Het kostte me moeite om de draad weer op te pakken. De motivatie ontbrak me. En eigenlijk, ken ik dat niet.

Ik kijk altijd vooruit. Met een positieve blik naar de toekomst. En ook dat wil ik nu weer. Dit is de eerste stap. Mijzelf middels deze blog motiveren voor een plan. Alles wat me inspireert, bezighoudt, motiveert en uitdaagt, bundelen op een pagina. Zodat ik bewuster kies voor mezelf. Bezig ga met dat wat ik graag wil.

Het blijft lastig voor mij om nu een doel te stellen. Maar wanneer lukt het dan wel? Het grote doel wat verder in de toekomst leggen, dat biedt nieuwe perspectieven. Graag zou ik die magische afstand van 42,195km nog eens lopen. Nu is het puzzelen met de tijd, puzzelen met de mogelijkheden om even tijd en ruimte voor mezelf te hebben. Maar wat als ik dat nu gebruik voor een goede basis. Genieten van het sporten, mezelf weer lekker in mijn lijf voelen en een goed uitgangspunt creëren. En dan stiekem april 2022 in mijn hoofd nemen. Een kleine twee jaar verder. Mijn jongste is dan 4, gaat naar school. En in plaats van huilend op het schoolplein staan, mijn sentiment omzetten in de harde, laatste en lange trainingen van mijn marathontraining. Het lijkt voor nu de perfecte droom!

Lieve groet, Cobie